Biothermische droging

Biothermische droging is een variant van compostering. Het is een biologisch proces waarbij, in aanwezigheid van zuurstof, organisch materiaal wordt gedroogd. Hierbij verdampt het aanwezige water en breken de organische stoffen af. Tijdens dit proces worden hoge temperaturen bereikt, waardoor ziektekiemen worden gedood.

Inputstromen voor biothermische droging zijn:

  • dikke fractie mengmest;
  • dikke fractie digestaat;
  • vaste mest (bijv. pluimveemest);
  • organisch-biologisch afval, waaronder dierlijke bijproducten van categorie 3.

De installatie voor biothermische droging moet over een milieuvergunning beschikken.
Voor het verwerken van afval is rubriek 2 van toepassing.

De installatie moet eveneens een erkenning hebben in het kader van de Verordening 1069/2009.
De OVAM is verantwoordelijk voor het luik afvalstoffen, de Mestbank voor de verwerking van mest.

Als er afval mee verwerkt wordt, kan de compost ingezet worden als meststof of bodemverbeterend middel - tenminste als deze voldoet aan de VLAREMA-voorwaarden en beschikt over een keuringsattest van een certificeringsinstelling en een ontheffing van de FOD Volksgezondheid.

Zie ook:
Erkenningen dierlijke bijproducten