Tussentijdse rapportage

Het verloop en de resultaten van de bodemsaneringswerken moeten aan de OVAM worden gerapporteerd volgens standaardprocedure ‘Bodemsaneringswerken, eindevaluatieonderzoek en nazorg’.

Frequentie

Voor bodemsaneringswerken die minder dan 3 jaar duren moet enkel een eindevaluatieonderzoek opgesteld worden.

Voor alle andere bodemsaneringswerken dient enkel een tussentijds verslag van de uitvoering van de bodemsaneringswerken aan de OVAM overgemaakt te worden in deze specifieke gevallen:

  • grote wijzigingen;
  • bij verlenging van de termijn van 180 dagen bij beperkte bodemsaneringsprojecten;
  • als de bodemsaneringsdeskundige van mening is dat een reactie van de OVAM vereist is;
  • bij verandering van bodemsaneringsdeskundige.

Als geen van bovenstaande punten van toepassing is, moet na 3 jaar een tussentijds verslag opgesteld worden.

De bodemsaneringsdeskundige moet ten allen tijden de gegevens en interpretatie ter beschikking hebben en die op vraag van de OVAM voorleggen.

Wanneer is reactie van de OVAM vereist?

Hierbij wordt verduidelijkt wat de OVAM beschouwt als gevallen waarbij een reactie van de OVAM nodig is.

  • De sanering behaalt onvoldoende resultaten waardoor de doelstellingen niet behaald worden.
  • De eerste fase van de uitvoering van de bodemsaneringswerken (ontgraving) en de monitoringsfase ter controle van de grondwaterverontreiniging is afgerond.
  • Calamiteiten.
  • Onverwachte resultaten bij monitoring (na uitvoering ontgraving).
  • De bodemsaneringsdeskundige wenst over te gaan tot het stopzetten van een actieve techniek.