De Lijn

De Vlaamse vervoersmaatschappij De Lijn heeft een groot aantal stelplaatsen in Vlaanderen waar bodemverontreiniging -voorkomt. Om een goede opvolging te garanderen, sloten De Lijn en de OVAM in 2008 een overeenkomst.

Voorgeschiedenis

De Lijn beschikt over een 60-tal stel- en onderhoudsplaatsen verspreid over heel Vlaanderen. De Lijn onderneemt al geruime tijd acties om het milieu te sparen. Zij bouwt haar milieubeleid  uit en kiest voor een resolute oplossing voor haar verontreinigde terreinen. In de periode 2000-2001 voerde de Lijn een aantal oriënterende bodemonderzoeken uit. Hieruit bleek dat op heel wat terreinen verder onderzoek nodig was. Alle terreinen samen aanpakken was zowel organisatorisch als financiëel niet haalbaar. De stelplaatsen moeten immers continu open blijven. Een bedrijfsspecifieke overeenkomst bood dan ook een oplossing voor dit probleem.

Overeenkomst biedt duidelijke prioriteitsstelling

In 2008 werd een bedrijfsspecifieke overeenkomst gesloten tussen de OVAM en De Lijn, voor een periode van maximaal 10 jaar. Dit levert een aantal voordelen:

  • één vaste OVAM-contactpersoon behandelt de bodemdossiers;
  • regelmatig overleg tussen De Lijn en de OVAM over planning en praktische uitvoering van bodemonderzoeken en -saneringen;
  • duidelijke planning voor bodemonderzoek en -sanering van de stelplaatsen in eigendom van De Lijn;
  • duidelijke prioriteitsstelling van bodemonderzoek en -sanering volgens milieutechnische urgentie en herinrichtingswerkzaamheden van de stelplaatsen.
Ook interessant voor u