Dierlijke bijproducten en afgeleide producten

Dierlijke bijproducten

Definitie: dode dieren of delen van dieren, producten van dierlijke oorsprong of andere producten die uit dieren zijn verkregen en die niet voor menselijke consumptie bestemd zijn, met inbegrip van oöcyten, embryo's en sperma

De dierlijke bijproducten (DBP) zijn onderverdeeld in drie categorieën, gelinkt aan de mogelijke gevaarseigenschappen en bijgevolg ook aan de mogelijke eindbestemmingen ervan.
Categorie 1-materiaal wordt beschouwd als het dierlijke bijproduct met het meeste risico.
Categorie 3-materiaal is geschikt, maar om diverse redenen niet bestemd voor menselijke consumptie en heeft de meeste mogelijke bestemmingen.

De OVAM is enkel bevoegd voor de DBP die ook afvalstoffen zijn.

Voorbeelden

  • krengen van dieren: gezelschapsdieren, proefdieren, circusdieren, landbouwhuisdieren ...
  • slachtafval en slachtbijproducten: afkomstig van slachterijen, uitsnijderijen, beenhouwers …
  • afval van dierenartsenpraktijken, laboratoria ...
  • huiden en vellen, pelzen en wol (FOD Volksgezondheid)
  • mest (Mestbank)
  • afval van de productie van voeding: voedingsmiddelen met vlees, maar ook bereid met eieren, melk ...
  • vervallen voedingsmiddelen
  • keukenafval en etensresten, inclusief gebruikte frituurvetten en -oliën
  • afval van broeierijen, kuikens, eieren …

Bestemmingen

Afgeleide producten

Dit zijn producten verkregen door een of meer behandelingen, omzettingen of verwerkingsfasen van dierlijke bijproducten.
Afhankelijk van hun bestemming worden zij nog beschouwd als afvalstoffen.

Voorbeelden

  • verwerkte dierlijke eiwitten (inclusief bloedmeel, vismeel)
  • diermeel, vleesbeendermeel
  • gesmolten dierlijke vetten
  • compost
  • digestaat
  • biogas

Bestemmingen

 

Contact

Team Bio
secretariaatkbl@ovam.be
015 284 328