Ecodesign toepassen

Ecodesign kan op elk type product, van eenvoudig tot complex, worden toegepast. De werkwijze kan gaan van het invullen van een matrix of overlopen van de levenscyclus tot gebruik van uitgebreide software.

De term ecodesign dekt een hele reeks maatregelen. Er zijn bepaalde strategieën die kunnen worden gevolgd en zich toespitsen op één aspect van ecodesign ( zoals bijvoorbeeld "design to recycle". Meestal onderscheiden we echter een aantal fases in de methodologie. Het bepalen van wat het doel is van het toepassen van ecodesign is het startpunt. Wat moet er bereikt worden en wat zijn de doelstellingen?

Doelstellingen zijn bijvoorbeeld:

  • Inzicht krijgen in het milieuprofiel van het te ontwikkelen product, zodat potentiële criteria en aandachtspunten reeds zichtbaar zijn bij het ontwerp van dat product.
  • Het kwantitatief in kaart te brengen van de milieubelasting van een bestaand product, zodat deze kennis kan helpen de effectiviteit van mogelijke verbeteringen te meten (of vergelijken met andere producten b.v. die van de concurrent).
  • Het voldoen aan bestaande en te anticiperen op toekomstige milieugerelateerde productnormen en klanteneisen.
  • Het ontwikkelen van een nieuw innovatief product dat ook op gebied van milieu-eigenschappen goed scoort.
  • Het communiceren van de milieuvoordelen van een product naar de markt.
  • Het intern opvolgen en communiceren van de eco-efficiëntie van ontwikkelde producten (b.v. in kader van een milieuzorgsysteem).
  • Het in kaart brengen van de recyclagekosten van een product, zodat dit de nodige aandacht krijgt tijdens het ontwerp

Volgende stap is het, in functie van de doelstellingen, selecteren van relevante ecodesign tools.

Hieronder een aantal bekende ecodesign tools die naargelang de toepassing kunnen worden ingezet.

De laatste jaren heeft er, door het besef dat er een nog meer radicale verandering nodig is in het huidige economische systeem van productie en consumptie, binnen ecodesign een verschuiving plaatsgevonden naar systeeminnovaties. Dit vraagt om een competentie die nog sterker naar de voorgrond moet worden gebracht: op strategisch niveau kijken naar nieuwe oplossingen voor nieuwe producten, diensten en de bijhorende infrastructuren en instituties. Dit gaat veel verder dan kijken wat er binnen de grenzen en soms letterlijk muren van het eigen bedrijf aan milieuoptimalisatie kan worden gedaan en het gaat verder dan kijken naar de levenscyclus van het product en radicale productinnovatie. Op strategisch niveau spreken we over business model innovatie en zelfs het in vraag durven stellen van bestaande waardeketens. Het gegeven product-dienstcombinaties (PDC) moet als een belangrijke ontwikkeling op dit gebied worden gezien: niet het verkopen van producten is het uitgangspunt, maar het verkopen van de diensten die deze producten aan de consumenten leveren.

De OVAM-studie 'Producten worden diensten: een duurzame waardepropositie voor Vlaanderen', uitgevoerd door BECO en Pantopicon in 2010 had als doel om na te gaan hoe en in welke mate de ontwikkeling van product-dienstcombinaties (PDC's) in Vlaanderen kan bijdragen om een stijging van welvaart en welzijn, ontkoppeld van stijgend materiaal- en energieverbruik, te realiseren.

De resultaten uit het onderzoek zijn in eerste instantie gericht naar beleidsmakers van overheden en bedrijven, actoren betrokken in innovatieprocessen en geïnteresseerd in de mogelijkheden van diensteninnovatie en business model innovatie. Dit rapport tracht te informeren en te inspireren en een praktische handreiking aan te bieden om zelf een eerste stap te kunnen zetten in het genereren van nieuwe, duurzame business modellen.