Onkunde, onoordeelkunde en onzorgvuldig gedrag
Als erkend bodemsaneringdeskundige vertrouwen we op uw grondige kennis en expertise. Blijft u herhaaldelijk in gebreke, dan schorsen we u. Enkele voorbeelden:
- U herkent standaardsituaties niet, wat flagrant verkeerde bemonsteringen of analyses tot gevolg heeft.
- U neemt verkeerde of onvoldoende monsters waardoor drijflagen niet opgemerkt worden.
U interpreteert uw zintuiglijke waarnemingen verkeerd of niet, waardoor waarschijnlijke of mogelijke polluenten niet worden geanalyseerd.
- U geeft de verkeerde grondwaterstromingsrichtingen aan.
U gebruikt de stijghoogtes uit verschillende aquifers door elkaar.
- U onderzoekt niet wat de invloeden zijn van, en de interacties met nabijgelegen oppervlaktewateren.
U legt de (basis)principes van het bodemsaneringdecreet naast u neer. U past bijvoorbeeld de EAEB-aanpak niet toe bij nieuwe of gemengde verontreinigingen (met genormeerde parameters).
- U neemt, door gebrek aan inzicht, natuurlijke processen mee op als veroorzakers van de verontreiniging:
- natuurlijke aanrijking van de bodem met zware metalen;
- natuurlijke verzilting van grondwater.
- U genereert bijkomende of nieuwe verontreiniging doordat u:
- verontreinigde boorgrond slecht terugstort;
- verontreinigde boorgrond uitspreidt of achterlaat;
- bij saneringen verontreinigde grond (her)gebruikt, niet in overeenstemming met het conformiteitattest.
- U zet personeel verkeerd in of kiest voor niet-competente mensen:
- niet-gekwalificeerd personeel doet het veldwerk en de staalname;
- personeel met onvoldoende ervaring begeleidt de saneringswerken.
- U rapporteert slordig en onzorgvuldig, zowel analoog als digitaal. U gebruikt bijvoorbeeld niet de correcte formulieren en standaarden, zoals voorgeschreven in de standaardprocedures.
- U voert de voorstudie of het historisch onderzoek slecht uit. Zo past u een verkeerde onderzoeksstrategie toe, waardoor een verontreiniging eventueel over het hoofd wordt gezien.