Aandachtspunten voor verwerkers van categorie 3-materiaal uitsluitend afkomstig van niet-herkauwers of van slechts één diersoort

1. Definitie verwerkingsbedrijf

Bijlage I, definitie 58 van Verordening 142/2011 definieert een verwerkingsbedrijf als volgt: 'bedrijfsruimten en voorzieningen voor de verwerking van dierlijke bijproducten als bedoeld in art. 24, lid 1, onder a) van Verordening 1069/2009, waar dierlijke bijproducten worden verwerkt overeenkomstig bijlage IV (en/of X)'

2. Erkenningsprocedure

Verwerkers van categorie 3-materiaal die uitsluitend materiaal afkomstig van niet-herkauwers of van slechts één diersoort verwerken, kunnen voor deze activiteit een specifieke erkenning krijgen. Ook voor verwerkers van categorie 1-, 2- en 3-materiaal is het mogelijk om één bepaalde verwerkingslijn te laten erkennen voor de verwerking van categorie 3-materiaal dat of bedrijven die kunnen garanderen dat in één bepaalde lijn enkel materiaal afkomstig van niet-herkauwers of van slechts één diersoort verwerkt zal worden. Deze erkenning levert, wat afzetmogelijkheden voor de eindproducten betreft, heel wat voordelen op.

Een aanvraag voor dergelijke erkenning moet per aangetekende brief ingediend worden bij de OVAM en dient vooreerst de algemene informatie te bevatten die nodig is om een erkenning als verwerker van dierlijk afval te bekomen.

Daarnaast moet afhankelijk van de herkomst van het dierlijk afval minstens volgende informatie aan de aanvraag toegevoegd worden:

1. De verwerkingsinstallatie is gekoppeld aan een slachthuis voor niet-herkauwers of voor slechts één diersoorten uitsluitend categorie 3-materiaal afkomstig van het eigen slachthuis zal aangevoerd worden:

  1. een kopie van de erkenning van het slachthuis door het FAVV
  2. een overzicht van:
    • het aantal geslachte dieren
    • de hoeveelheid en de aard van het dierlijk afval dat in het bedrijf geproduceerd wordt
    • de hoeveelheid en de aard van het dierlijk afval dat afgevoerd wordt
  3. een duidelijke beschrijving van de herkomst van het te verwerken materiaal met een schematisch overzicht van alle dierlijke afvalstromen in het bedrijf, vanaf de plaats van ontstaan
  4. een beschrijving van de maatregelen die het verwerkingsbedrijf zal nemen om te kunnen garanderen dat de verwerkte dierlijke eiwitten geen materiaal afkomstig van herkauwers of van andere diersoorten dan diegene waarvoor de erkenning wordt aangevraagd, bevatten
  5. indien verwerkte dierlijke producten aangekocht wordt bij andere verwerkers van categorie 3-materiaal:
    • gegevens van het bedrijf van herkomst
    • beschrijving van de aard van het materiaal en het ondergane verwerkingsproces
  6. indien voor de aanvoer van het dierlijk afval geen gebruikt gemaakt wordt van vrachtwagens die voorbehouden zijn voor materiaal van niet-herkauwers of de diersoort waarvoor de erkenning wordt aangevraagd, moet een adequaat reinigings- en ontsmettingsschema toegevoegd worden aan de aanvraag
  7. een schriftelijke verklaring van de verantwoordelijke van het bedrijf dat enkel materiaal afkomstig van niet-herkauwers of de betrokken diersoort zal worden verwerkt in de te erkennen installatie

2. De verwerkingsinstallatie is niet gekoppeld aan een slachthuis:

  1. de lijst van leveranciers van het dierlijk afval dat in de installatie voor de verwerking van categorie 3-materiaal van niet-herkauwers/van de betrokken diersoort verwerkt zal worden
  2. beschrijving van de gescheiden ophaling en verwerking van de dierlijke bijproducten
  3. indien van toepassing, een lijst van vrachtwagens die voorbehouden worden voor de ophaling van dierlijk afval niet afkomstig van herkauwers/van andere dan de betrokken diersoort;
  4. indien 2. niet van toepassing, moet een adequaat reinigings- en ontsmettingsschema toegevoegd worden aan de aanvraag
  5. een grondplan van de verwerkingsinstallatie(s) binnen het bedrijf met een gedetailleerd stroomschema van de verwerkingslijn(en) binnen het bedrijf
  6. een beschrijving van de maatregelen die het verwerkingsbedrijf zal nemen om te kunnen garanderen dat de verwerkte dierlijke eiwitten geen materiaal afkomstig van herkauwers bevatten
  7. een schriftelijke verklaring van de verantwoordelijke van het bedrijf dat enkel materiaal afkomstig van niet-herkauwers/de betrokken diersoort zal worden verwerkt in de te erkennen installatie.

Na evaluatie van deze aanvraag door het FAVV en de OVAM wordt een gezamenlijke inspectie van het bedrijf uitgevoerd. Na goedkeuring bekomt het bedrijf een erkenning als verwerker van categorie 3-materiaal uitsluitend afkomstig van niet-herkauwers of uitsluitend afkomstig van één bepaalde diersoort.

Op basis van de door de OVAM afgeleverde erkenning kan het FAVV certificeren dat de verwerkte dierlijke eiwitten afkomstig van dit verwerkingsbedrijf uitsluitend afkomstig zijn van niet-herkauwers of van één bepaalde diersoort.

De erkenning bestaat uit een erkenningsbesluit waarin de OVAM de erkenningsaanvraag evalueert en waarin verwezen wordt naar de verplichtingen waaraan de verwerker volgens de Vlaamse en Europese wetgeving moet voldoen. Elk erkend bedrijf krijgt bovendien een officieel OVAM-erkenningsnummer. Dit nummer wordt meegedeeld via het erkenningsbesluit. Een erkenning geldt voor een gegeven termijn met een maximumtermijn van 5 jaar.

Indien de toezichthoudende ambtenaren vaststellen dat niet aan de voorwaarden van het erkenningsbesluit voldaan wordt, kan de OVAM de erkenning schorsen. Deze schorsing kan gevolgd worden door de opheffing van de erkenning.

3. Melding en transport van verwerkt dierlijk afval

De verplichte melding van de aanwezigheid van dierlijk afval geldt niet voor verwerkt dierlijk afval.

Voor het vervoer van verwerkt dierlijk afval dient beroep gedaan te worden op een geregistreerd vervoerder van verwerkt dierlijk afval indien de verwerkte dierlijke eiwitten of vetten als dierlijk afval beschouwd worden, d.i. als ze voldoen aan de definitie van afval uit het afvalstoffendecreet met ander woorden: indien ze bestemd zijn voor compostering, biogasproductie of verwijdering.

4. Traceerbaarheid

De traceerbaarheid van dierlijk afval dient steeds gewaarborgd te zijn. Daarom moet zowel voor de inkomende onverwerkte als voor de uitgaande verwerkte stromen van dierlijk afval een register bijgehouden worden conform Bijlage VIII hoofdstuk IV van Verordening(EG) Nr.142/2011 en een kopie van de vervoersdocumenten van de inkomende en uitgaande stomen gedurende ten minste 3 jaar bewaard te worden.

a. Register

Verwerkers van dierlijk afval zijn verplicht om een register bij te houden dat ten minste volgende informatie bevat:

Het register van inkomende stromen dient de volgende informatie te bevatten:

  1. de datum van ontvangst van het onverwerkt dierlijk afval
  2. de omschrijving van het materiaal en de categorie waartoe het dierlijk afval behoort
  3. de hoeveelheid materiaal
  4. de plaats van herkomst van het materiaal
  5. de naam en het adres van de vervoerder/ophaler

Het register van uitgaande stromen dient volgende informatie te bevatten:

  1. de datum waarop het materiaal op het bedrijf is opgehaald
  2. de omschrijving van het materiaal en de categorie waartoe het verwerkt dierlijk afval behoort
  3. de hoeveelheid materiaal
  4. de naam en het adres van de vervoerder
  5. de naam en het adres van de ontvanger en indien van toepassing, het erkenningsnummer

b. Vervoersdocumenten

Zowel de ophaler/vervoerder die onverwerkt dierlijk afval aanbrengt bij de verwerker, als de geregistreerde vervoerder van verwerkt dierlijk afval dienen een kopie van de vervoersdocumenten, die bij iedere vracht horen, te bezorgen aan de exploitant van de verwerkingsinstallatie.

Voor het transport van onverwerkt dierlijk afval dient als vervoersdocument het handelsdocument, conform bijlage I van het besluit dierlijk afval, gebruikt te worden.

Voor het vervoersdocument dat bij elk transport van verwerkt dierlijk afval aanwezig moeten zijn, bestaat geen model. Het gebruikte vervoersdocument dient minstens volgende gegevens te bevatten:

  1. de datum waarop het materiaal bij de producent is opgehaald
  2. naam en adres van de inrichting waarvan het desbetreffende verwerkt dierlijk afval afkomstig is
  3. de omschrijving van het materiaal, de hoeveelheid en de verwerkingsmethode die het materiaal heeft ondergaan
  4. het opschrift: "Categorie 3-materiaal - niet voor menselijke consumptie" - "uitsluitend afkomstig van niet-herkauwers"
  5. de identificatie van de geregistreerde vervoerder
  6. naam en adres van de bestemming van het verwerkte materiaal.

Het verwerkingsbedrijf is verplicht om zowel het aanvoer- als afvoerregister als de vervoersdocumenten van de aangevoerde onverwerkte stromen en de afgevoerde verwerkte stromen ten minste 3 jaar bij te houden, zodat zij aan de bevoegde autoriteit kunnen worden voorgelegd wanneer nodig.

5. Gescheiden inzameling

Het is verboden dierlijk afval te mengen met ander materiaal dan dierlijk afval op een andere plaats dan in een daartoe vergunde en erkende inrichting, tenzij het dierlijke bijproducten betreft die dezelfde bestemming dienen te krijgen.

6. Bepalingen van Verordeningen DBP

Deze verordening beschrijft de specifieke voorwaarden waaraan een verwerkingsbedrijf voor dierlijk afval moet voldoen:

Verwerkingsbedrijven C3 V1069/2009
art 25 punt 123
art 28
art29
V142/2011
art 8
art 9
Bijlage IV hoofdstuk I
- afdeling 1
- afdeling 2
- afdeling 4
Bijlage IV hoofdstuk II
- afdeling 1
- afdeling 2
- afdeling 4
Bijlage IV hoofdstuk III
Bijlage IV hoofdstuk IV Bijlage VIII hoofdstuk I
Bijlage VIII hoofdstuk II
Bijlage VIII hoofdstuk III

Terug naar overzichtspagina