Medisch afval in instellingen voor geneeskunde
In het algemeen beschouwt de wetgever elke medische instelling die medisch afval met specifieke risico's in relevante hoeveelheden produceert, als een instelling voor geneeskunde. Sommige wetteksten over gezondheidszorg benoemen deze inrichtingen op een andere manier. Dit maakt het soms moeilijk om te bepalen welke regels over medisch afval van toepassing zijn op een bepaalde inrichting.
Volgende tabel geeft een niet-limitatieve opsomming van de instellingen uit de categorie instellingen voor geneeskunde.
| Instellingen voor geneeskunde |
Openbare en private ziekenhuizen, met uitzondering van de psychiatrische ziekenhuizen- algemene of academische ziekenhuizen
- gespecialiseerde of categorale ziekenhuizen
- universitaire ziekenhuizen
|
| Poliklinieken en dagziekenhuizen |
| Psychiatrische ziekenhuizen en psychiatrische verzorgingstehuizen (PVT) die op de campus van een ziekenhuis liggen en tot dezelfde inrichtende macht behoren |
| Vaste of mobiele instellingen, en eenheden of inrichtingen, die geneeskundige behandelingen verstrekken aan ambulante of bedlegerige patiënten |
| Rust- en verzorgingstehuizen die op de campus van een ziekenhuis liggen en tot dezelfde inrichtende macht behoren, maar niet als rusthuis zijn erkend |
| Laboratoria en onderzoeksinrichtingen die intern of extern aan een instelling zijn verbonden, en onderzoeken uitvoeren voor die instellingen of voor geneeskundige praktijken |
| Laboratoria van de farmaceutische nijverheid |
| Mobiele of vaste bloedtransfusiecentra |
| Mortuaria met uitvoering van lijkenverzorging |
| Instellingen voor forensische geneeskunde |
|
Inzameling en opslag
(art 5.5.3.10 -5.5.3.12)
Dagelijks moet u de volle en definitief gesloten verpakkingen voor medisch afval in de afdelingen ophalen . U slaat ze tijdelijk op in een centrale opslagplaats. Die kan zich in het ziekenhuisgebouw zelf bevinden, of in een container of garagebox buiten het gebouw. U moet deze opslagplaats regelmatig reinigen en ontsmetten. Ze moet voldoen aan de voorschriften die zijn beschreven in artikel 5.5.3.11 van het VLAREA.
Het personeel moet van de instelling de nodige richtlijnen krijgen over de juiste opslag van medisch afval. De gebruikte interne transportmiddelen moet u ook regelmatig reinigen en ontsmetten.
Verpakking
(art 5.5.3.3 - 5.5.3.7)
Deze pagina's bevatten alleen de hoofdlijnen. Alle technische eisen over de verpakkingen van medisch afval vindt u in de volledige handleiding
Voor RMA, en vloeibaar en pasteus NRMA zijn volgende verpakkingen toegelaten:
- kunststofvat van maximaal 60 liter voor alle RMA, en vloeibaar en pasteus NRMA;
- kartonnen doos met kunststofbinnenzak van maximaal 50 liter: alle vast RMA, met uitzondering van scherpe voorwerpen.
Vast NRMA moet u verpakken in een blauwe kunststofzak. De inhoudsnormen zijn niet vastgelegd. U moet er wel voor zorgen dat de gevulde zakken gemakkelijk hanteerbaar blijven.
Scherpe voorwerpen moet u verpakken in:
- een kunststofvat van maximaal 60 liter, of
- een kunststofrecipiënt (naaldcontainer) van maximaal 10 liter. Deze naaldcontainer plaatst u op zijn beurt in een kunststofvat van maximaal 60 of een kartonnen doos van maximaal 50 liter.
De meeste verpakkingen voor medisch afval zijn niet herbruikbaar. Artikel 5.5.3.8 van het VLAREA laat de mogelijkheid om verpakkingen te hergebruiken. Maar hiervoor moet u een aanvraag doen bij de minister die bevoegd is voor Leefmilieu. De OVAM, en het Agentschap Zorg en Gezondheid geven hierover advies.
Ophaling
De ophaling van medisch afval moet gebeuren door een overbrenger die hiervoor de juiste erkenning van de OVAM kreeg.
Aanvaarding van medisch afval in Vlaanderen
Er bestaan al huis-aan-huisophaling, kringophaling en de chemocarmethode voor de ophaling van medisch afval. Ook de oprichting van een centraal inzamelpunt bij een ziekenhuis biedt een oplossing voor een vlotte inzameling bij kleine afvalproducenten. Maar als u afvalstoffen van derden wil aanvaarden, moet u aan een aantal voorwaarden voldoen:
- milieuvergunning voor de opslag van afvalstoffen (rubriek 2.1.2 van de indelingslijst van Vlarem I);
- registratie van de afgifte in een afvalstoffenregister;
- toezicht van een verantwoordelijke bij elke afgifte van extern afval.
