Algemene foto OVAM bloem

Medisch afval bij huishoudens en thuiszorg

Steeds meer zieken krijgen thuis verzorging van verwanten of gespecialiseerd verplegend personeel. De behandeling van deze patiënten creëert ook afvalstoffen. Het beheer moet de wettelijke bepalingen over afvalbeheer respecteren. In de praktijk is dit echter niet altijd uitvoerbaar.

Een pragmatische, alternatieve aanpak van deze problematiek dringt zich op. Hierbij mogen de garanties voor de bescherming van mens en leefmilieu niet in het gedrang komen.

Thuiszorg wordt uitgevoerd door:

  • medisch personeel zoals artsen en verpleegkundigen;
  • niet-medisch geschoolde personen zoals familie, vrienden of de patiënt zelf.

Patiënten die een ambulante behandeling hebben gekregen in een medische instelling en naar huis terugkeren, verdienen bijzondere aandacht. In de nazorgfase kunnen ze afvalstoffen met specifieke risico's voortbrengen. Een correcte voorlichting van de patiënt en zijn omgeving over de juiste voorzorgs- en veiligheidsmaatregelen is dus van groot belang.

Toepassingsgebied

Het afvalstoffendecreet beschouwt iedere persoon of rechtspersoon die door een activiteit afvalstoffen voortbrengt, als producent van afval. Hierdoor is het thuisverplegende personeel de afvalproducent, en niet de patiënt. Want het is de activiteit van de verzorger die het afval veroorzaakt.

Dit impliceert dat de thuisverzorgers verantwoordelijk zijn voor de afvalverwerking. Daarom moeten ze minstens het RMA en het vloeibare NRMA, afkomstig van de thuisverpleging, meenemen. Het vaste NRMA mag de patiënt zelf met het huishoudelijke restafval meegeven.

Frequent voorkomende afvalstoffen

Voor vele ziekten kan de patiënt vandaag zichzelf thuis behandelen, zonder tussenkomst van een verpleegkundige. Enkele maatregelen zorgen ervoor dat de verwerking van de afvalstoffen die daarbij vrijkomen, veilig en milieuverantwoord verloopt.

Volgende tabel geeft een overzicht van:

  • de meest voorkomende behandelingen;
  • de afvalstoffen die daarbij vrijkomen;
  • de wijze van verpakking en verwijdering.
Activiteit Afvalstoffen Verpakkingswijze Ophaling
Inspuiting geneesmiddelen door patiënt zelf Naalden
Ontsmettingsmateriaal, spuit zonder naald
Naaldcontainer
Huisvuilzak
Kga-inzameling
Huisvuilophaling
Toediening cytostatica Naalden, fles, spuiten
Niet-steriele wegwerphandschoenen, gezichtsmasker, wegwerpschort en ander wegwerpmateriaal
Naaldcontainer
Dubbele plastic zak
Meenemen door verpleegkundige
Huisvuiloophaling
Toedienen insuline Injectienaald, fles
Ontsmettingsdoekje, spuit zonder naald
Naaldcontainer
Huisvuilzak patiënt
Meenemen door verpleegkundige
Huisvuilophaling
Intramusculaire inspuiting Injectienaald, flacon Naaldcontainer Meenemen door verpleegkundige
Bloedafname Holle naald
Ontsmettingsmateriaal, blister
Naaldcontainer
Huisvuilzak patiënt
Meenemen door verpleegkundige
Huisvuilophaling
Aanprikken van Port a Cath, heparineslot, chemopomp, pijnpomp Naald
Ontsmettingsmateriaal, blisters
Naaldcontainer
Huisvuilzak patiënt
Meenemen door verpleegkundige
Huisvuilophaling
Verzorging van een patiënt met besmettelijke ziekte (niet overdraagbaar via afvalstoffen Wegwerpmateriaal (schort, handschoenen, masker, beschermbril, hoogfiltratiemasker), blisters Huisvuilzak patiënt Huisvuilophaling
Wondzorg (algemeen) Wondverzorgingsset
Compressen, blisters
Huisvuilzak patiënt Huisvuilophaling
Blaassondage en blaasspoeling Spuit
Sonde
Huisvuilzak patiënt
Huisvuilzak patiënt
Huisvuilophaling

Uit de tabel blijkt dat de bestaande kanalen voor de meeste afvalstoffen een oplossing aanreiken.

Inspuiting geneesmiddelen door patiënt zelf

Injectienaalden horen in een naaldcontainer. Die kunt u kopen in de apotheek, de medische speciaalzaak of via de Vlaamse Diabetesvereniging. De gevulde naaldcontainer biedt u aan bij de inzameling van het kga. De gemeenten moeten gebruikte injectienaalden aanvaarden, als ze in een veilige verpakking zitten. Oude en vervallen geneesmiddelen van huishoudelijke oorsprong brengt u naar de apotheek. Die heeft hiervoor een aanvaardingsplicht. De recycleerbare buitenverpakking en bijsluiter brengt u niet naar de apotheek, maar voegt u bij het oud papier.

Radioactief besmette afvalstoffen

Bepaalde ziekten vragen een behandeling met radionucliden. Meestal verblijft de patiënt hiervoor een korte tijd in het ziekenhuis, waarna hij thuis verder herstelt. Zijn lichaam bevat dan vaak nog radioactieve stoffen. De bescherming van de personen die met de herstellende in contact komen, is belangrijk. Daarom stelde de ziekenhuisgroep Oost-Limburg, samen met het FANC en NUTEC, in mei 2007 een aantal brochures samen over de behandeling met radionucliden. Raadpleeg de brochures.

De Hoge Gezondheidsraad schreef een aanbeveling voor patiënten die een behandeling kregen met radio-isotopen.

Afval van cytostatica

Patiënten krijgen soms thuis een chemotherapie met cytostatica. De behandeling gebeurt met zalven, pillen of infuustherapie. Bij de toediening van de chemokuur, en ook daarna, kunnen verschillende afvalstoffen ontstaan die bijzondere aandacht vragen:

  • materialen gebruikt voor de toediening, zoals handdoeken, schorten, infuusleidingen en -zakken, lege zalftubes;
  • afval van de patiënt, na de toediening zoals incontinentie- en wondverzorgingsmateriaal, en met lichaamsvocht bevuild linnen. De eerste zeven dagen na de toediening kunnen deze afvalstoffen besmet zijn met resten van cytostatica.

Dit afval behoort tot het RMA en is hoogtoxisch. Daarom zijn beschermende maatregelen nodig. U verpakt deze afvalstoffen het beste in een dubbele plasticzak, voor u ze in de huisvuilzak stopt. Gesloten pompsystemen en infuusleidingen moet de patiënt in een dubbel gesloten plasticzak terugbrengen naar het ziekenhuis. Dat zal het afval verder sorteren.

Afval van peritoneale analyse

Peritoneale dialyse zuivert het bloed van afvalstoffen en overtollig vocht. Het buikvlies van de patiënt dient hiervoor als een soort filter. Een steriele voorverwarmde spoelvloeistof (dialysaat) wordt in de buikholte gebracht. De spoelvloeistoffen zijn verpakt in kunststofzakken van 2 of 2,5 liter. Tijdens de contactfase (ongeveer 4 tot 5 uur) vindt in de buik van de patiënt een uitwisseling plaats van afvalstoffen (en eventueel vocht) vanuit de bloedbaan naar het dialysaat. Hierna vervangt een vers dialysaat de spoelvloeistof, gemiddeld vier keer per dag. Meestal vindt die vervanging plaats rond het tijdstip van de maaltijden of voor het slapengaan. Een dialyse duurt ongeveer 25 minuten. Het UZ Leuven verspreidt een uitgebreide brochure over het afvalbeheer bij peritoneale analyse.