Nieuwsbrief - januari 2015

 

Meer gronden geschikt voor onderzoek via 'woonzone'

luchtfoto van een woonzoneDe aanpak woonzone, waarbij collectieve onderzoeken de individuele onderzoeks- en saneringsplicht voor percelen vervangen, is de testfase voorbij. De projecten vormen nu een belangrijke impuls om het aantal onderzochte gronden te verhogen.

In 2014 werden tien nieuwe locaties erkend als woonzone: een voormalige textielfabriek en kabelslagerij in Dendermonde, een opgevulde zandgroeve in Linkebeek, een voormalige stortplaats in Lokeren, een oude steenbakkerij in Aalst, een voormalig gipsstort in Rumst, een vroegere stortplaats in Lier, een bloemisterij in Merelbeke en nog twee woonzoneprojecten op niet-aansluitende locaties in Sint-Niklaas en in Eeklo. Op die manier werden maar liefst 347 gronden vrijgesteld van de onderzoeks- en saneringsplicht.

400 gronden in 2015

De doelstellingen voor 2015 zijn nog ambitieuzer. Met bijkomende middelen wordt voor minstens 400 gronden een woonzoneproject opgestart. Die doelstelling wil de OVAM elk jaar verhogen. Om meer percelen in een woonzoneproject te kunnen opnemen, worden de voorwaarden vanaf 2015 versoepeld. Zo moet een potentiële verontreiniging niet meer noodzakelijk ‘historisch’ zijn. Alle gronden die potentieel bewoond kunnen worden, komen in aanmerking, los van het tijdstip van verkaveling of bebouwing. De belangrijkste voorwaarde blijft natuurlijk wél bestaan: er mogen geen risicoactiviteiten meer aanwezig zijn op de gekozen percelen en de eigenaars moeten voldoen aan de voorwaarden voor een vrijstelling van de saneringsplicht. Er staan al verschillende woonzoneprojecten in de startblokken: bijkomende locaties in Mechelen, Eeklo en Sint-Niklaas en nieuwe projecten in onder meer Roeselare, Gent en Kontich.

Interesse?

De woonzoneaanpak bundelt twee belangrijke troeven: het is volledig gratis en ontslaat de betrokken grondeigenaars van de verplichting om zelf een bodemonderzoek te laten uitvoeren. Kent u een locatie die mogelijk in aanmerking komt voor een woonzoneproject, neem dan contact op met het woonzoneteam. Mail naar woonzones@ovam.be.

Meer informatie over woonzones.

Nieuwe webstek voor saneringsprojecten in scholen

Alle info over bodemonderzoek en -sanering vinden scholen vanaf nu op www.ovam.be/onderwijssector. Heeft een school een bodemonderzoek nodig? Welke scholen maakten reeds gebruik van het protocol? Wat moet men in orde maken voor een verkoop (naar Scholen van Morgen), een erfpacht of een opstal? Komt een school in aanmerking voor een subsidie? En welke ondersteuning kunnen de OVAM en AGIOn bieden? Geïnteresseerde scholen vinden het allemaal op de nieuwe website.

Saneringsprogramma verlengd in 2015

De OVAM en AGIOn verlengen het saneringsprogramma voor verontreinigde schoolterreinen. Ook in 2015 staan wij klaar om bodemonderzoeken en -saneringen te realiseren. We nemen alle zorgen van de betrokken scholen over vanaf het beschrijvende bodemonderzoek: we voeren de onderzoeken en saneringen uit en prefinancieren het hele traject. De OVAM houdt ook rekening met specifieke wensen: we stemmen een bodemsanering af op geplande nieuwbouw- of renovatieprojecten en houden rekening met de verkeersdrukte rond een school. Samen zoeken we naar de beste oplossing voor elke school.

Daarnaast bieden we scholen ook een educatief pakket aan. Dat kan bestaan uit posters met een visuele voorstelling van het project, teksten en foto’s om op de schoolwebsite te plaatsen, of een bezoek aan de saneringssite met uitleg door een deskundige. Over alle wensen en mogelijkheden kan worden gepraat.

Nog 6 maanden tijd

In heel Vlaanderen meldden 36 scholen zich al aan voor een bodemproject. In enkele scholen zijn de onderzoeken of saneringen reeds gestart. Met de andere deelnemers overlegt de OVAM over de beste aanpak en een oplossing op maat. Kandidaten voor een subsidie kunnen zich nog aanmelden tot 30 juni 2015 in het Protocol Scholen.

Meer info voor scholen

OVAM lanceert onlineversie van de Ecolizer!

ecolizerEind 2014 lanceerde de OVAM een onlineversie van de Ecolizer, onze ecodesign ontwerptool. Met de Ecolizer kunt u snel en eenvoudig de milieu-impact van een product berekenen. Dankzij een handig overzicht en een analyse van de materialen, productieprocessen, verpakkingen, transportmiddelen en de afdankingsfase van een product, kunt u gericht de milieu-impact inschatten én verlagen. Klinkt het u bekend in de oren? Dat kan, want sinds 2006 verspreiden we al een gedrukte versie van de Ecolizer. De nieuwe digitale versie neemt al het rekenwerk op zich. Bovendien kregen alle indicatoren in 2014 een update.

Benieuwd naar het resultaat? Surf snel naar www.ecolizer.be.

Ondersteuning voor innovatieve projecten bij lokale besturen

In 2014 lanceerde de OVAM een oproep bij lokale besturen voor innovatieve projecten rond duurzaam materialenbeheer. Kandidaten maakten kans op een subsidie. De oproep leverde veertien ideeën op, die goed aansluiten bij wat er in Vlaanderen leeft. De meeste voorstellen richten zich op het optimaliseren van afvalstromen, door een betere inzameling, logistieke oplossingen en meer hergebruik of recyclage. De link met recyclageparken en kringwinkels wordt opvallend vaak gelegd. Ook is er aandacht voor de sociale economie, meer burgerparticipatie en intergemeentelijke samenwerking. De aard van materiaalstromen varieert: van bermmaaisel, kurk, gft-afval of oude fietsen tot bredere categorieën zoals textiel en mode.

6 projecten geselecteerd

Zes projectideeën werden weerhouden. De indieners mogen nu een definitief projectvoorstel opmaken. Op de website vindt u een beknopte inhoud van de projecten. De indieners zullen nu een definitief projectvoorstel opmaken. In 2015 loopt de subsidieregeling door: lokale besturen kunnen tegen 1 april of 1 oktober 2015 nieuwe projectideeën indienen.

Energiemeter Smappee wint OVAM Ecodesign Award PRO

winnaar award PROOp vrijdag 9 januari 2015 reikte Vlaams minister van Omgeving, Natuur en Landbouw Joke Schauvliege de OVAM Ecodesign Awards PRO uit. Ontwerpbureau Pilipili en het Smappee-team kaapten met hun slimme energiemeter Smappee de hoofdprijs weg. Smappee biedt consumenten de kans om hun energieverbruik te monitoren en bij te sturen. De energiemeter geeft aan welke toestellen grote verbruikers zijn en waar er verborgen sluimerverbruik zit. Consumenten die hun energiegedrag in de gaten houden, kunnen tot 12 procent minder verbruiken.

Product in ontwikkeling

Niet alleen producten die al op de markt zijn vielen in de prijzen. Ook doordachte ontwerpen maakten kans in de categorie 'Product in ontwikkeling’. Dit jaar ging de prijs naar Oxyvase, een ontwerp van Studio Peter Van Riet. De innovatieve vaas verlengt de levensduur van snijbloemen dankzij een ingenieuze opbouw. De bloemen staan in een laagje water dat continu wordt ververst vanuit een ingebouwd reservoir. Zo blijft het zuurstofgehalte in het water hoog en blijven bloemen langer mooi.

Gratis tentoonstelling

Ontdek alle winnaars op www.ecodesignlink.be/nl/awards/pro-award. Alle winnende ontwerpen van de Henry Van de Velde Awards & Labels en de OVAM Ecodesign Awards & Nominaties kunt u nog tot en met 16 februari 2015 bekijken in de Bozar, Ravensteinstraat 23, 1000 Brussel. De toegang is gratis.

Flanders’ FOOD en Fevia promoten materialenscan in de voedingsindustrie

materialenscanGrondstoffen worden schaarser en duurder. Gemiddeld besteden kmo’s zo’n 42 procent van hun budget aan materialen. Dat is meer dan de personeelskosten (20 procent) en veel meer dan de energiekosten (2,4 procent). De materialenscan helpt bedrijven nog tot eind 2015 besparen op hun materiaalkosten.

Materialenverbruik in kaart

De materialenscan is een initiatief van de OVAM en het Agentschap Ondernemen om het materialenverbruik bij Vlaamse kmo’s (tot 500 werknemers) in kaart te brengen. Het doel: grondstoffen efficiënter inzetten. Gespecialiseerde adviseurs voeren de scan gratis uit.
Eind 2014 stuurden Fevia Vlaanderen en Flanders’ FOOD een brede mail uit om ook voedingsbedrijven te stimuleren een materialenscan te laten uitvoeren. Specifiek voor de voedingssector werd het instrument aangevuld met gerichte vragen rond het thema voedselverlies. Met hun gezamenlijke initiatief willen beide voedingsplatformen meerwaarde creëren voor bedrijven in de voedingsindustrie. De aangevulde materialenscan geeft een beeld van het huidige materialenverbruik, de verliesposten en de kosten die daarmee gepaard gaan. Eenvoudige simulaties tonen hoe een voedingsbedrijf zijn efficiëntie kan opdrijven en zijn productiekosten kan verlagen. De materialenadviseurs, FEVIA Vlaanderen en Flanders’ FOOD werken actief mee aan vervolgacties.

Materiaalstromen uitwisselen

Naast de materialenscan werkte Flanders’ FOOD ook mee aan de organisatie van de Symbioseworkshop, die op 25 november 2014 doorging in het ILVO in Melle. Die samenwerking kadert in de zoektocht naar de hoogwaardige valorisatie van organische nevenstromen van voedingsbedrijven. Tijdens de workshop wisselden 41 organisaties in totaal 157 materiaalstromen met elkaar uit. Die synergiën worden nu verder uitgewerkt door Flanders’ FOOD en het symbioseteam.

Plannen voor 2015

Ook in 2015 houdt Flanders’ FOOD de vinger aan de pols in materialengebruik. Het voedingsplatform organiseert inspirerende themamomenten waarop bedrijven en stakeholders ervaringen kunnen uitwisselen over voedselverlies en valorisatie van organische nevenstromen. Op die manier krijgt Flanders’ FOOD een beter zicht op de noden van de agro-voedingssector en komen nieuwe businesskansen aan het licht.

Meer info: www.flandersfood.com, www.materialenscan.be en www.smartsymbiose.be.

Ontwerp en bouw zelf aan uw duurzame toekomst!

De OVAM sensibiliseert en motiveert jongeren - de consumenten en ondernemers van de toekomst - om duurzaam om te gaan met grondstoffen en materialen. Via het Vlaams Materialenprogramma (onder de hefboom Slim Samenwerken) participeert de OVAM in diverse projecten van educatieve partners. Het doel: de Vlaamse initiatieven rond een duurzaam gebruik van materialen en grondstoffen vertalen naar verschillende doelgroepen. Dit aanbod is een laagdrempelig, inspirerend aanbod voor iedereen die zelf aan de slag wil met het thema, in het bijzonder scholen en vormingsmedewerkers.

Scholen en verenigingen

Voor de eerste graad secundair onderwijs ontwikkelde het Provinciaal Instituut voor Milieu Educatie (PIME) uit Lier een gloednieuw educatief aanbod over de grondstoffenproblematiek. Ook voor andere doelgroepen kan dit inspirerend zijn. Meer informatie vindt u via PIME grondstoffenrevolutie.
Wilt u als vereniging, bedrijf, leerkracht of lokaal bestuur mensen sensibiliseren over duurzaam materialengebruik? Gebruik dan onze nieuwe Prezi-presentatie: daarin vindt u op een heldere en overzichtelijke manier de basisprincipes van het sluiten van materialenkringlopen.

U vindt de presentatie hier

OVAM en gemeenten brengen risicogronden in kaart

De OVAM en de Vlaamse gemeenten wisselen al een tijdje informatie uit rond mogelijke risicogronden. Het betreft vooral informatie uit VLAREM-vergunningen, vermits veel archiefinformatie nog niet werd gedigitaliseerd. Om de inventaris van risicogronden tegen 2017 zoveel mogelijk te vervolledigen, zal de OVAM de gemeenten ondersteunen met teams van experts en andere maatregelen. Die ondersteuning is noodzakelijk om een goede kwaliteit van de uitgewisselde gegevens te waarborgen. Een kwalificatie van een perceel als risicogrond heeft immers een grote impact op een hele reeks betrokkenen.

Hoe werkt het?

Op basis van de afgeleverde milieuvergunningen stelt elke gemeente een inventaris op van risicogronden en bezorgt die aan de OVAM. Zo weet de OVAM op welke gronden nog een bodemonderzoek moet gebeuren, wat essentieel is voor een correcte aflevering van bodemattesten. Op die manier kunnen ernstig verontreinigde gronden tijdig worden aangepakt.

Omgekeerd bezorgt de OVAM ook heel wat bodeminformatie aan de gemeenten. Die data-uitwisseling geeft gemeenten een beter beeld van mogelijk verontreinigde gronden, brownfields, stadskankers en andere historische erfenissen op hun grondgebied. Samen met het lokale bestuur kan de OVAM vervolgens een gerichte aanpak uitwerken.
Sinds de lancering van het nieuwe webloket is de kwaliteit van de Gemeentelijke Inventaris (GI) sterk verbeterd. Minstens 275 gemeenten wisselden al informatie over risico-inrichtingen uit met de OVAM. Via het webloket werd informatie over meer dan 100.000 kadastrale percelen met VLAREBO-rubrieken uitgewisseld. 30 gemeenten wisselden hun inventaris van risicogronden al volledig uit met het webloket.
Informatie van burgers en bedrijven

In veel gevallen beperkt bodeminformatie zich tot gegevens uit recente en oude milieuvergunningen. Maar het zijn de werkelijk uitgevoerde activiteiten die bepalen of een perceel een risicogrond is. Over die informatie beschikken de gemeenten vaak niet. Het gebeurt dat vergunde rubrieken niet (meer) overeenstemmen met de werkelijke exploitatie, of dat vergunde activiteiten nooit hebben plaatsgevonden. De vergunde rubrieken zijn ook niet altijd van toepassing op alle vergunde percelen.

Als een eigenaar of exploitant meent dat een kadastraal perceel onterecht als risicogrond is opgenomen, kan hij dat met de nodige bewijsstukken aantonen. Op basis daarvan kan de gemeente het perceel uit de GI verwijderen. In complexe gevallen met onvoldoende informatie kan de betrokkene een gemotiveerde verklaring laten opstellen door een erkende bodemsaneringsdeskundige. Daarin wordt de werkelijke situatie op het terrein uitgeklaard door middel van een gedetailleerd historisch onderzoek. Na het akkoord van de OVAM gaat de verklaring naar het lokale bestuur. De gemeente is niet aansprakelijk voor fouten als zij een perceel uit de GI verwijdert op basis van een gemotiveerde verklaring van een bodemsaneringsdeskundige.

Steun bij vervolgacties

Een classificatie als risicogrond kan leiden tot probleemsituaties en twijfelgevallen. Voor gemeenten die de nodige inspanningen hebben geleverd om de GI volledig uit te wisselen, voorziet de OVAM bijkomende ondersteuning om zulke problemen vlugger uit de klaren.

Meer info: www.ovam.be/gemeentelijke_inventaris, inventarisatie@ovam.be of telefonisch via 015 284 137.

Cofinanciering van bodemsanering is een succes

Sinds 1 september 2013 kunnen particulieren, ondernemingen en openbare besturen bij de OVAM een subsidie aanvragen voor de sanering van een historische bodemverontreiniging. Het subsidiepercentage bedraagt 35 of 50 procent, naargelang de aanvrager al dan niet een onderneming is. Het maximumbedrag van de subsidie is 200.000 euro over een periode van drie jaar.

Ook in 2015

33 dossiers kregen intussen al cofinanciering toegekend, voor een totaal bedrag van 3.016.650 euro. Dat betekent een gemiddelde subsidie van 91.414 euro per dossier. Dankzij de verleende cofinanciering zullen bodemsaneringswerken gerealiseerd worden met een geschatte totale kostprijs van 10.655.073 euro. Ook in 2015 kunt u op de OVAM rekenen voor cofinanciering. Aanvragen worden ingediend via het daartoe bestemde formulier.

Alle voorwaarden, wetgeving en formulieren zijn beschikbaar op www.ovam.be/cofinanciering.

Nieuwe ‘Handleiding Overdrachten’ voor vastgoedsector

Een van de doelen van het Bodemdecreet is het beschermen van kopers van onroerend goed. Niemand wil onwetend met een verontreinigde grond worden opgezadeld. Om dat te vermijden moeten verkopers aan enkele verplichtingen voldoen voor ze een grond mogen verkopen of ‘overdragen’. De belangrijkste instrumenten zijn het bodemattest en de onderzoeksplicht. Een bodemattest is nodig voor de overdracht van elke grond. Heeft op een grond een risicovolle activiteit plaatsgevonden en is het dus een ‘risicogrond’, dan is eerst een oriënterend bodemonderzoek nodig. Als de grond verontreinigd blijkt, moet de verkoper verdere stappen ondernemen.

Instrumenten voor makelaars en notarissen

Notarissen en makelaars zijn een cruciale schakel tussen de overheid en (ver)kopers van gronden. Daarom is de vastgoedsector is een belangrijke partner van de OVAM. Om het werk van makelaars en notarissen te vergemakkelijken, ontwikkelde de OVAM tal van nuttige webtoepassingen:

In de nieuwe, herwerkte ‘Handleiding Overdrachten’ vindt u alle informatie over deze webtoepassingen en over de overdrachtsprocedure volgens het Bodemdecreet. De OVAM stelt de Handleiding al langer ter beschikking, maar de huidige versie is aangepast aan het gewijzigde Bodemdecreet. Zo brengt u elke overdracht probleemloos tot een goed einde.

Met opmerkingen of vragen over vastgoedinstrumenten kunt u terecht op vastgoed@ovam.be.

OVAM en Team Vlaamse Bouwmeester werken samen rond herontwikkeling van stedelijke ruimte

De ruimte in Vlaamse steden wordt vandaag nog vaak onderbenut. Waarom? Een vervuilde bodem legt op sommige plekken een beslag op de herontwikkeling ervan. Bij economisch rendabele terreinen wordt er vaak sneller een oplossing gevonden voor verontreiniging. Ondanks de doorgaans zware vervuiling biedt de vrijgekomen ruimte een enorm economisch potentieel. De OVAM en Team Vlaamse Bouwmeester gaan de uitdaging aan om ook voor moeilijkere terreinen herontwikkeling te realiseren.

De (OVAM), Departement Ruimte Vlaanderen (RV), Team Vlaams Bouwmeester, Team Stedenbeleid, Agentschap voor Binnenlands Bestuur, Afdeling Stedenbeleid, Inburgering en Integratie (SB), Agentschap Ondernemen (AO) en Departement Economie, Wetenschap en Innovatie (EWI) zien in de herontwikkeling van stedelijke ruimte opportuniteiten voor stadsvernieuwing en nieuwe, innovatieve economische activiteiten. Daarom brengen ze verschillende stakeholders, sectoren en gebruikers samen om na te denken over herontwikkeling, buiten de platgetreden paden. De vele uitdagingen waarmee steden vandaag worden geconfronteerd (migratie, huisvesting, milieu, tewerkstelling, segregatie …) kunnen niet langer beantwoord worden vanuit een mainstream denken. We hebben nieuwe ideeën en innovatieve ondernemingen nodig. Voorbeelden genoeg: deeleconomie, kringloopdenken, voedsel- en cultuurcollectieven, crowd funding … De overheid blijft niet aan de zijlijn staan, maar wil deze initiatieven faciliteren en ondersteunen.

Vandaag loopt een strategische verkenning van verschillende prototypische cases. Aan de hand van enkele ruimtelijke vraagstukken toetsen we verschillende scenario’s voor deze cases af. In een volgende fase gaan we actief op zoek naar geïnteresseerde actoren om 5 pilootprojecten mee vorm te geven.

Meer info:
ruimte@ovam.be
www.vlaamsbouwmeester.be

Agenda

3 februari 2015
Symposium 'International trade of waste: economic research of policy implications'
steunpuntsumma.be/english/events/symposium3february2015


5 februari 2015
Transdisciplinaire workshop rond duurzaam design, chemie en kunststoffen
Kaai 17, Liefdadigheidstraat 1, Aalst

20 april 2015
Viering in het teken van 25 jaar recyclage bouw- en sloopafval
Congrescentrum Lamot, Mechelen

9-10 november 2015
Gasfabriekencongres
Info volgt.