Lier: Voormalige stortplaatsen

Waar is de woonzone gelegen?

Deellocatie 1 omvat 13 locaties die gelegen zijn in woongebied. Deze locaties zijn samen goed voor een 300-tal percelen. Deellocatie 2 omvat 18 locaties die gelegen zijn op weilanden en braakliggende terreinen, samen goed voor een 90-tal percelen. De locaties liggen zowel binnen als buiten de Lierse ring.

Een plan waarop de locaties werden aangeduid en alle documenten die betrekking hebben tot deze woonzone vindt u bij de publicaties rechts van de pagina. In het sitebesluit vindt u een lijst van de betrokken percelen.

Welke activiteiten werden er vroeger op de site uitgevoerd?

Op het grondgebied van de stad Lier bevinden zich niet minder dan 30 voormalige stortplaatsen. Vaak gaat het om laaggelegen gebieden langsheen waterlopen, destijds opgehoogd met voornamelijk huishoudelijk afval om zo wateroverlast te voorkomen. Vandaag zijn deze stortplaatsen enkel nog zichtbaar als een lichte ophoging van het landschap.

Hoe pakt de OVAM deze woonzone aan?

De percelen zijn opgenomen in de site via een besluit van de OVAM dat op 28 augustus 2008 gepubliceerd werd in het Belgisch Staatsblad. Naar aanleiding van het sitebesluit, werd er ook een ministerieel besluit getroffen. U vindt deze bij de publicaties rechts van de pagina.

De stad Lier is opdrachtgever en draagt alle kosten voor het grootschalig bodemonderzoek. De eventuele sanering voor de bewoonde percelen gebeurt door de OVAM. Voor niet bewoonde percelen financiert de stad Lier voor sommige locaties de eventuele sanering. Voor de overige niet bewoonde percelen, vragen de eigenaars een vrijstelling van de saneringsplicht aan als blijkt dat er op hun perceel een sanering nodig is.

De gedetailleerde regeling vindt u terug in de ministeriële besluiten,  deze vindt u bij de publicaties rechts van deze pagina.

De algemene uitleg over woonzones vindt u hier

Wat zijn de resultaten?

Stortplaatsen 8, 16, 18, 20, 21, 22, 25, 26 en 27
Het site-onderzoek voor deze stortplaatsen werd op 13 oktober 2011 conform verklaard. De betrokkenen ontvingen eind november 2011 een informatiebrief. De eigenaars ontvingen ook een bodemattest. Het conformiteitsattest voor deze stortplaatsen vindt u bij de publicaties rechts van de pagina.

In de bodem van de voormalige stortplaats 16 werd een sliblaag en plaatselijk puin aangetroffen. In de bodem van alle andere vermelde stortplaatsen werd geen, of slechts heel plaatselijk (1 boring) bodemvreemd materiaal aangetroffen. Op elk van deze voormalige stortplaatsen is wel een lichte overschrijding van de bodemsaneringsnorm voor zware metalen en/of poly-aromatische koolwaterstoffen in het vaste deel van de aarde en/of een lichte overschrijding van de bodemsanenringsnorm voor zware metalen in het grondwater aanwezig. Deze verhoogde waarden vormen echter geen enkel risico. Voor geen enkele stortplaats is er een bodemsanering noodzakelijk.

Stortplaatsen 2, 3, 10, 11, 12A, 14, 15, 17, 19, 24, 28 en 29
Het site-onderzoek voor deze stortplaatsen werd op 25 juni 2012 conform verklaard. De betrokkenen ontvingen eind juni en half juli 2012 een informatiebrief. De eigenaars ontvingen ook een bodemattest. Het conformiteitsattest voor deze stortplaatsen vindt u bij de publicaties rechts van de pagina.

Op stortplaatsen 11, 14 en 29 vond men geen duidelijk stortmateriaal terug. Op stortplaats 19 werd er enkel slib aangetroffen. Op alle andere stortplaatsen werd er wel stortmateriaal aangetroffen. Met uitzondering van stortplaats 19, worden er op alle stortplaatsen overschrijdingen van de bodemsaenringsnorm vastgesteld voor verschillende zware metalen en/of poly-aromatische koolwaterstoffen in het vaste deel van de aarde. Op stortplaatsen 2 en 24 wordt er ook plaatselijk minerale olie vastgesteld. Het grondwater is op de meeste stortplaatsen niet verontreinigd. Enkel in het grondwater van stortplaatsen 2, 10, 24 en 28 wordt er een verhoging voor ammonium vastgesteld. Verder is er in het grondwater van stortplaats 10 een verhoging aan PCB. Na evaluatie van de resultaten bleek er voor geen enkele stortplaats een bodemsanering noodzakelijk. Alleen voor stortplaats 3 wordt er geadviseerd geen runderen, bestemd voor melkproductie, op de onderzoekslocatie te laten grazen.

Stortplaatsen 4, 5, 6, 7, 9A, 12B, 13, 23 en 30
Het site-onderzoek voor deze stortplaatsen werd op 28 oktober 2013 conform verklaard. De betrokkenen ontvingen half december 2013 een informatiebrief met bodemattest. Het conformiteitsattest voor deze stortplaatsen vindt u bij de publicaties rechts op deze pagina.

Op al deze stortplaatsen werd duidelijk stortmateriaal vastgesteld, behalve op 4 gronden op stortplaats 9B en 1 grond op stortplaats 9A. Overal waar stortmateriaal werd vastgesteld, werd er minstens een bodemverontreiniging met zware metalen en PAK teruggevonden in het vaste deel van de aarde, zowel in de toplaag als in de onderliggende lagen. Het grondwater is op de meeste stortplaatsen niet verontreinigd. Enkel in het grondwater van stortplaatsen 4, 5, 6 en 7 wordt er een verhoging voor ammonium vastgesteld. De overschrijdingen van de bodemsaneringsnormen in het vaste deel van de aarde en in het grondwater zijn meestal heel lokaal en/of beperkt. Na evaluatie van de resultaten bleek er geen enkel risico uit te gaan van de vastgestelde verhoogde waarden. Voor de stortplaatsen 6, 7, 9A, 12B, 13, 23 en 30 is er dan ook geen bodemsanering noodzakelijk.

Voor stortplaats 4 is er voor 6 gronden wel een bodemsanering noodzakelijk voor PAK in het vaste deel van de aarde en BTEX in het grondwater. Op stortplaats 5 werden er hoge concentraties aan cyanide vastgesteld waarvoor ook een bodemsanering zich opdringt. Eén grond gelegen op de voormalige stortplaats 9B moet ook gesaneerd worden wegens hoge concentraties aan zware metalen (o.a. lood) in de toplaag.

Wat is de tijdsplanning?

Stortplaatsen 4, 5, 9B
De tijdsplanning voor de noodzakelijke bodemsanering op deze stortplaatsen is nog niet bekend.

Hebt u nog vragen?

Hier vindt u nog een antwoord op enkele algemene vragen. U kunt ook contact opnemen met de OVAM  of met de Stad Lier.