Periodieke onderzoeksplicht in kader van het Bodemsaneringsdecreet van 1995

Hoe weet u of uw onderneming een periodieke onderzoeksplicht heeft in kader van het Bodemsaneringsdecreet van 1995?

In de oude milieuvergunning van uw onderneming vindt u één of meer VLAREM-rubrieken. Die vergelijkt u met de rubrieken van de Vlarebo-lijst (versie 1995-2008). De inrichtingen met een verhoogd risico op bodemverontreiniging werden ingedeeld in VLAREBO-categorieën met de letters A, B, C of O.

Uw onderneming had een periodieke onderzoeksplicht als:

  1. één of meerdere rubrieken van de milieuvergunning overeenstemmen met een VLAREBO-rubriek (versie 1995-2008) waar achteraan de letters A, B of C staan;
  2. uw onderneming is opgestart vóór 1 juni 2008.

In onderstaande tabel vindt wanneer u een periodiek bodemonderzoek moest indienen. De opgelegde data en de frequentie zijn afhankelijk van de categorie binnen de VLAREBO-rubriek en van de startdatum van de exploitatie.

Regeling decreet 1995: data indienen periodiek oriënterend bodemonderzoek (OBO) 

Indien u vóór 1 juni 2008 een bodemonderzoek moest indienen, kreeg u nog tot 1 juni 2010 om dit in orde te brengen.

Indien u de vroegere VLAREBO-lijst vergelijkt met de huidige indelingslijsten dan merkt u dat een aantal rubrieken in een andere categorie zijn ingedeeld.

De oude wetgeving blijft van toepassing voor:

  • Exploitanten die voorheen de verplichting hadden een periodiek onderzoek uit te voeren, maar dat volgens het huidige decreet niet meer moeten.
  • Inrichtingen die volgens de nieuwe regelgeving een andere onderzoeksfrequentie hebben (bv 10 ipv 5 jaar).

Indien vóór 1 juni 2008 geen periodiek onderzoek nodig was, gelden vanaf deze datum de bepalingen van het huidig Bodemdecreet.

Publicaties

VLAREBO bijlage 1: versie 1995-2008: pdf bestandVlarebo_bijlage1_1995_2008.pdf (143 kB)

Contact

OVAM - Infolijn bodem
015 284 137
bodemdossier@ovam.be