Risico-inrichting op mijn school?

Moet ik voor mijn school een bodemonderzoek laten uitvoeren?

De verplichting tot het uitvoeren van een bodemonderzoek is gelinkt aan de Vlarem-rubriek(en) die op uw school van toepassing zijn. Deze rubrieken kunt u terugvinden in de milieuvergunningen die voor de school zijn afgeleverd. U kunt deze milieuvergunningen ook steeds opvragen bij de gemeente. Hieronder geven we u veel voorkomende rubrieken waarvoor u een bodemonderzoek moet laten uitvoeren. Gronden waarop activiteiten aanwezig zijn waarvoor er bodemonderzoek nodig is, noemen we risicogronden.

Let op: ook als deze activiteiten aanwezig zijn op uw grond zonder milieuvergunning, blijft deze onderzoeksplicht bestaan.

Veel voorkomende risico-inrichtingen bij scholen waarvoor bodemonderzoek nodig is

  • stookolietanks met een inhoud hoger dan 20 000 liter, let op: tanks op 1 kadastraal perceel moet je optellen
  • spuitcabine
  • garagewerkplaatsen met carrosseriewerkzaamheden
  • schouwputten en bruggen
  • opslag van autowrakken
  • las- en constructiewerkplaatsen
  • metaalbewerkingsateliers
  • laboratoria
  • opslag van gevaarlijke stoffen

Raadpleeg de lijst met een uitgebreide omschrijving van de risico-inrichtingen die vaak voorkomen bij scholen. Bij deze inrichtingen is de inhoudsmaat, het vermogen en de ligging van belang. Bekijk zeker deze lijst om te checken of uw school een onderzoeksplicht heeft.

Let op: dit is niet de volledige lijst van inrichtingen waarvoor er een oriënterend bodemonderzoek noodzakelijk is, maar een lijst specifiek samengesteld als hulp voor scholen. Ook andere activiteiten zijn onderzoeksplichtig.

Als u uw rubriek in deze beperkte lijst niet terug kunt vinden, neem dan contact met ons op via scholen@ovam.be. De volledige lijst met risico-inrichtingen vindt u terug als bijlage I bij het VLAREBO.

Wanneer moet ik mijn onderzoek uitvoeren?

Of en wanneer u een onderzoek moet uitvoeren, is afhankelijk van de soort risico-inrichting  en wanneer deze activiteiten zijn opgestart. Aan de hand van de Vlarem-rubrieken die van toepassing zijn voor uw school, kunt u dit achterhalen. In de lijst van risico-inrichtingen die vaak voorkomen bij scholen is in de laatste kolom een categorie opgenomen. Is hier:

  • een “O” aangegeven, dan is het verplicht om een oriënterend bodemonderzoek te laten uitvoeren bij overdracht, onteigening, sluiting, faillissement en vereffening;

  • een “A” aangegeven, dan is een oriënterend bodemonderzoek verplicht bij overdracht, onteigening, sluiting, faillissement en vereffening, en periodiek om de twintig jaar.

Voor veel scholen is de termijn om dit periodieke oriënterend bodemonderzoek op te stellen reeds verstreken. Ook voor uw school?  Check het hier.

Dit oriënterend bodemonderzoek moet u laten opstellen door een erkend bodemsaneringsdeskundige. We raden u aan om minstens 3 bodemsaneringsdeskundigen aan te schrijven. Voor scholen stellen we een standaardbestek ter beschikking.

Als er in dit oriënterend bodemonderzoek verontreiniging aangetroffen wordt moet er verder bodemonderzoek en eventueel bodemsanering gebeuren. De OVAM kan in dit verdere traject de volgende scholen technisch en financieel  begeleiden.:

Aanmelding protocol scholen

Als uit het bovenstaande blijkt dat u een oriënterend bodemonderzoek moet laten uitvoeren aarzel dan niet om uw school aan te melden in het protocol scholen. Hiervoor maakt u gebruik van het aanmeldingsformulier. Om u aan te melden moet u niet wachten tot het oriënterend bodemonderzoek is afgerond, u heeft hiervoor nog één jaar de tijd na de aanmelding. Als uit het onderzoek blijkt dat er bodemverontreiniging aanwezig is geeft de OVAM u financiële en technische ondersteuning, voert ze de verdere onderzoeken uit en prefinanciert ze volledig.

Meer informatie over de aanmeldingen: