VLABOTEX combineert bodemsanering van droogkuissites met herontwikkeling

  • 13 september 2017

VLABOTEX bestaat tien jaar. Het fonds werd in 2007 opgericht om saneringen op droogkuislocaties organisatorisch en financieel te ondersteunen. Daarbovenop wil VLABOTEX fungeren als kennis- en adviescentrum voor de bodemproblematiek van de droogkuissector in Vlaanderen. Het overgrote deel van de huidige en voormalige droogkuisbedrijven gebruiken of gebruikten in het verleden gechloreerde solventen (VOCl’s) als reinigingsmiddel. Omdat VOCl’s relatief slecht oplosbaar zijn in het grondwater en zwaarder zijn dan water, verspreiden ze zich gemakkelijk tot grote diepte.

Uitdaging

Bodemonderzoek op droogkuislocaties is een duur en uitdagend verhaal. Elk terrein heeft immers een specifieke bodemopbouw en elke VOCl-verontreiniging gedraagt zich op zijn eigen manier. Bovendien moet men rekening houden met de toegankelijkheid van de verontreinigde zone. Een verontreiniging midden in een dorpskern zal technisch gezien op een andere manier gesaneerd worden dan eenzelfde bodemvervuiling op een braakliggend terrein. Welke saneringstechniek gebruikt moet worden, hangt af van vele factoren: de bodemopbouw, de VOCl-verontreiniging zelf (hoeveelheid, diepte, verspreiding, afbraak ...), de te bereiken terugsaneerwaarden, de technische en financiële haalbaarheid, de aanwezig infrastructuur en bebouwing, veiligheidsrisico’s ...

200 sites

Op 14 september 2007 erkende de Vlaamse Regering VLABOTEX als bodemsaneringsorganisatie. In ruil voor een forfaitaire bijdrage konden saneringsplichtige probleembezitters tot 30 juni 2015 bij VLABOTEX aansluiten. VLABOTEX staat vervolgens in voor het uitvoeren en financieren van de volledige bodemsaneringsprocedure. Zo’n tweehonderd sites zijn aangesloten bij het fonds. Die moeten tegen 2036 onderzocht en gesaneerd worden.

Per euro die de probleembezitters bijdragen, kent de Vlaamse Regering 1 euro subsidie toe. Dankzij die – uiterst noodzakelijke – subsidieregeling en de knowhow van VLABOTEX worden de complexe en dure bodemonderzoeken en -saneringen financieel en technisch haalbaar.

Herontwikkeling

VLABOTEX doet de nodige inspanningen om de herontwikkeling van voormalige droogkuissites te faciliteren. In samenwerking met de OVAM en projectontwikkelaars wordt de bodemsanering zo goed mogelijk afgestemd op de herontwikkeling en het toekomstige gebruik van de site.

Zo voerde VLABOTEX in Brugge een succesvolle bodemsanering uit. Zoals vaak bevond de site zich in stedelijk gebied. De kernzone werd ongeveer acht maanden lang intensief behandeld via bodemlucht- en hoogvacuümextractie. Daarvoor werden een honderdtal filters geïnstalleerd. In totaal werd daarbij 1205 kilogram solvent verwijderd. Om de restverontreiniging te verwijderen koos men voor gestimuleerde biologische afbraak of bioremediatie door middel van de injectie van een koolstofbron: 20.000 liter melasse werd in de bodem geïnjecteerd. De succesvolle samenwerking met de OVAM en andere actoren stond garant voor een vlotte herontwikkeling. Intussen werd de site omgevormd tot een kantoren- en winkelcomplex.

Succesverhaal

VLABOTEX heeft sinds haar oprichting al meer dan honderd beschrijvende bodemonderzoeken uitgevoerd en een 55-tal bodemsaneringsprojecten opgemaakt. Tot op vandaag werden twintig bodemsaneringen succesvol afgerond en zijn meer dan twintig bodemsaneringen in uitvoering. Veel locaties hebben intussen een nieuwe bestemming gekregen, zoals appartementen, woningen en kantoorruimte. Op www.vlabotex.be vindt u een uitgebreide versie van dit artikel en een overzicht van een aantal bodemsaneringswerken die VLABOTEX de voorbije jaren met succes gerealiseerd heeft. 

De probleembezitters en andere actoren zijn erg positief over de werking van VLABOTEX. Bodemsaneringsfondsen kunnen ook een nuttig instrument zijn voor andere sectoren dan de droogkuissector. De OVAM toetst momenteel de mogelijkheden in een aantal andere sectoren af.