Stort- en verbrandingsverboden

Met het oog op een hoogwaardige verwerking van afvalstoffen worden stort- en verbrandingsverboden gehanteerd.

Er geldt een stort- en verbrandingsverbod voor afvalstoffen die door hun aard, hun hoeveelheid of hun homogeniteit - overeenkomstig de beste beschikbare technieken - in aanmerking komen voor hergebruik of voor recyclage, alsook voor gemengde afvalstoffen die in aanmerking komen voor uitsortering.

De stort- en verbrandingsverboden gelden zowel voor huishoudelijke afvalstoffen als voor bedrijfsafvalstoffen. De verboden zijn zowel van toepassing op storten en verbranden binnen Vlaanderen, als op inzameling en afvoer voor storten en verbranden buiten Vlaanderen.

Verder geldt er ook een stortverbod voor gemengd stedelijk afval, afvalstoffen die werden ingezameld voor nuttige toepassing, brandbare of recycleerbare fracties uit sortering of voorbehandeling, en oude en vervallen geneesmiddelen.

Artikel 4.5.1 en 4.5.2 van het VLAREMA beschrijven deze stort- en verbrandingsverboden .

Artikel 4.5.3 van VLAREMA beschrijft de mogelijkheid tot afwijking van deze stort- en verbrandingsverboden.
§3 van dit artikel omschrijft een specifieke procedure voor het verstoken van gesmolten dierlijke vetten van categorie 3.

Verleende afwijkingen op de stortverboden voor 2019

Bij ministerieel besluit van 7 januari 2019 wordt aan de cv IMOG voor de periode van 1 januari 2019 tot en met 31 december 2019 een afwijking verleend van artikel 4.5.1 van het VLAREMA voor het storten van de volgende afvalstoffen op de categorie 2-stortplaats IMOG gelegen te Moen/Zwevegem:

1°. 10.000 ton technisch niet-brandbare bedrijfsafvalstoffen en brandbare bedrijfsafvalstoffen zoals bedoeld in 2°;

2°. in geval van sluiting van of onvoldoende capaciteit bij de Vlaamse verbrandingsinstallaties en alternatieve verwerkingsinstallaties en mits voorafgaande goedkeuring van de OVAM: de afvalstoffen die normaal in deze installatie verwerkt worden.

 

Bij ministerieel besluit wordt van 7 januari 2019 aan de nv Indaver voor de periode van 1 januari 2019 tot en met 31 december 2019 een afwijking verleend voor het storten van de volgende afvalstoffen op de categorie 2-stortplaats Hooge Maey gelegen te Antwerpen:

1°. 25.000 ton technisch niet-brandbare bedrijfsafvalstoffen en brandbare bedrijfsafvalstoffen zoals bedoeld in 2°;

2°. in geval van sluiting van of onvoldoende capaciteit bij de Vlaamse verbrandingsinstallaties en alternatieve verwerkingsinstallaties en mits voorafgaande goedkeuring van de OVAM: de afvalstoffen die normaal in deze installatie verwerkt worden.

 

Bij ministerieel besluit wordt van 7 januari 2019 aan de nv Vanheede Landfill Solutions voor de periode van 1 januari 2019 tot en met 31 december 2019 een afwijking verleend van artikel 4.5.1 van het VLAREMA voor het storten van de volgende afvalstoffen op de categorie 2-stortplaats Vanheede Landfill Solutions gelegen te Rumbeke/Roeselare:

1°. 15.000 ton technisch niet-brandbare bedrijfsafvalstoffen en brandbare bedrijfsafvalstoffen zoals bedoeld in 2°;

2°. in geval van sluiting van of onvoldoende capaciteit bij de Vlaamse verbrandingsinstallaties en alternatieve verwerkingsinstallaties en mits voorafgaande goedkeuring van de OVAM: de afvalstoffen die normaal in deze installatie verwerkt worden.

Verleende afwijkingen op de verbrandingsverboden voor 2019

Bij ministerieel besluit van 14 februari 2019 wordt een afwijking van 1 januari 2019 tot en met 31 december 2019 verleend aan Greenpower Oostende NV, op artikel 4.5.2 van het VLAREMA voor het verbranden van maximaal 22.319 ton dierlijke vetten categorie 3 en 34.675 ton GFVO, in de installatie gelegen Solvaylaan 7 te Oostende.

Bij ministerieel besluit van 14 februari 2019 wordt een afwijking van 1 januari 2019 tot en met 31 december 2019 verleend aan Biopower Oostende NV, op artikel 4.5.2 van het VLAREMA voor het verbranden van maximaal 22.320 ton dierlijke vetten categorie 3 en 34.700 ton GFVO, in de installatie gelegen Kuipweg 44 7 te Oostende.