Het bodemattest

Het bodemattest vermeldt alle relevante gegevens die de OVAM over de grond kent. Het informeert de koper van een grond over de bodemkwaliteit. Voor het sluiten van een overdrachtsovereenkomst van een grond, zowel een risicogrond als een niet-risicogrond, is een bodemattest noodzakelijk.

Opbouw van het bodemattest

Op een bodemattest vindt u 3 blokken:

  1. kadastrale gegevens over de grond
  2. inhoud van het bodemattest
  3. opmerkingen

1. Kadastrale gegevens

Hier vermeldt het bodemattest de kadastrale gegevens en het adres van de grond.

De kadastrale gegevens van de grond (afdeling + sectie + nummer) worden verder in het bodemattest als ‘deze grond’ genoemd. Het adres (straat + nr.) duidt de ligging aan. De ‘datum toestand op’ verwijst naar het moment waarop de kadastrale toestand van toepassing is/was.

Als het bodemattest gaat over een deel van een perceel of een perceel zonder perceelnummer, wordt bij de kadastrale gegevens (nummer) verwezen naar een plan in bijlage waarop is aangeduid op welk deel de inhoud van het bodemattest betrekking heeft.

2. Inhoud van het bodemattest

Het bodemattest vermeldt of de grond wel of niet in het grondeninformatieregister is opgenomen.

Informatie uit de gemeentelijke inventaris

Het bodemattest vermeldt of de OVAM over de grond informatie heeft uit de gemeentelijke inventaris. De gemeentelijke inventaris bevat gronden waarop een risico-inrichting aanwezig is of was (= risicogrond) of een hinderlijke inrichting met inventarisatieplicht.

Uitspraak over de bodemkwaliteit

Op basis van de onderzoeken en documenten die opgenomen zijn in het grondeninformatieregister, doet de OVAM uitspraak of er op de grond nog verdere maatregelen moeten worden uitgevoerd.

Per aard van de verontreiniging (historisch, nieuw, gemengd overwegend nieuwe, gemengd overwegend historische) of bij extra informatie, wordt het meest recente of belangrijkste besluit weergegeven dat betrekking heeft op de grond. De uitspraak vermeldt of er verder onderzoek moet gebeuren of een sanering moet worden opgestart.

De OVAM vermeldt ook wanneer zij niet over voldoende informatie beschikt om na te gaan of verdere maatregelen noodzakelijk zijn op de grond.

Indien de grond niet in het grondeninformatieregister is opgenomen, vermeldt het bodemattest dat er geen aanwijzingen zijn bij de OVAM dat op de grond een bodemverontreiniging voorkomt.

Bijkomende adviezen en/of bepalingen (indien van toepassing)

Zijn er bijkomende adviezen en/of bepalingen van toepassing op de grond, dan worden deze op het bodemattest vermeld.

Gebruiksadviezen geven advies over het mogelijke gebruik van een grond met bodemverontreiniging. Gebruiksadviezen worden op het bodemattest vermeld zodat de (toekomstige) eigenaar of gebruiker van een grond gesensibiliseerd en bewust gemaakt wordt van de mogelijke impact van de bodemverontreiniging.

Andere bepalingen die op het bodemattest worden vermeld, indien van toepassing, zijn veiligheidsmaatregelen, voorzorgsmaatregelen, gebruiksbeperkingen en bestemmingsbeperkingen.

Asbestgerelateerde bodeminformatie (indien van toepassing)

Vanaf 1 april 2019 moet de bodemsaneringsdeskundige in het oriënterend bodemonderzoek uitspraak doen over het asbestverdacht karakter van de onderzoekslocatie. Aan de hand van een stappenplan doorloopt de bodemsaneringsdeskundige een aantal stappen om het asbestverdachte karakter en de aanwezigheid van asbest te bevestigen of te weerleggen.

Als een asbesthoudende dak- en/of gevelbekleding aanwezig is die aanleiding kan geven tot nieuwe bodemverontreiniging met asbest of als er een puinlaag aanwezig is die mogelijk asbestverdacht is, vermeldt het bodemattest dit.

Documenten over de bodemkwaliteit

Hier vindt u een overzicht van de documenten waarop de OVAM zich baseert om een uitspraak te doen over de bodemkwaliteit. U kunt deze documenten digitaal opvragen of bij de OVAM komen inkijken. Lees hier hoe u dit doet.

3. Opmerkingen

De opmerkingen op het bodemattest beschouwen we niet als eigenlijke inhoud van het bodemattest. Hun opname in de compromis/akte is dan ook niet noodzakelijk.

Enkele aandachtspunten

Wanneer verstuurt de OVAM een bodemattest ?

Bij de opname van een grond in het grondeninformatieregister levert de OVAM ambtshalve een bodemattest af aan:

  • de eigenaar en de gebruiker van de grond en de exploitant op de grond, voor zover deze door de OVAM gekend zijn;
  • de gemeente van de plaats waar de grond gelegen is.

De OVAM levert ambtshalve geen bodemattest af als een grond louter vanwege informatie uit de gemeentelijke inventaris van risicogronden in het grondeninformatieregister wordt opgenomen.

De OVAM levert ook op aanvraag een bodemattest af.

Welk referentie vermeldt u als u contact opneemt met de OVAM?

U vindt bij ‘ons kenmerk’ het bodemattestnummer, bij 'aanvraagnummer' het aanvraagnummer van het bodemattest en/of bij 'dossiernummer' het dossiernummer indien er op het perceel reeds onderzoeken werden uitgevoerd. Vermeld dit dossiernummer als u contact opneemt met de OVAM.

Welke info staat niet op het BA?

Het bodemattest vermeldt geen gegevens van de eigenaars en gebruikers.

Belangrijke documenten zoals bv. over de financiële zekerheid, de verbintenis, onschuld, voorzorgsmaatregelen of gebruiksbeperkingen worden wel bijkomend vermeld. Vraag deze documenten op bij uw opdrachtgever of bezorg het aan notaris.

Welke impact heeft een kadastrale wijziging van een perceel op de inhoud van het bodemattest?

De impact van een kadastrale wijziging op een perceel dat opgenomen is in het grondeninformatieregister en op de inhoud van het bodemattest ervan, leest u hier.

Contact

OVAM - Infolijn bodem
015 284 458
bodem@ovam.be