COVID-crisis leidde tot toename van huishoudelijk restafval met 40 000 ton

  • 14 september 2021

De OVAM rapporteert op kwartaalbasis over de geïnde heffingen voor het verbranden en storten van afvalstoffen. De cijfers van het vierde kwartaal van 2020 werden recent gepubliceerd. Dat maakt het mogelijk om het jaar 2020 te vergelijken met 2019. De totale hoeveelheid gestort en verbrand afval nam met 4 % af in 2020. Die daling was echter niet overal merkbaar. Zo nam de hoeveelheid huishoudelijk restafval voor verbranding toe met 40 000 ton in 2020 (+5 %). Wellicht valt dit toe te schrijven aan de COVID-crisis en de bijbehorende lockdowns. De hoeveelheid bedrijfsrestafval bleef ongeveer stabiel in 2020. Tot slot valt op dat we steeds minder afval exporteren voor verbranding. In 2020 was dat 29 000 ton minder dan in 2019 (-3,5 %).

Het storten van afval is vanuit milieuoogpunt de minst verkieselijke optie. Verbranden staat een trede hoger in de verwerkingshiërarchie maar heffingen op storten en verbranden moeten natuurlijk vooral recyclage, hergebruik en preventie aantrekkelijker maken. Het innen van heffingen op het storten en verbranden is daarom een efficiënt economisch instrument om het afval- en materialenbeheer in de gewenste richting te sturen. Iets wat de OESO overigens recent nog bevestigde in haar milieurapport (Environmental Performance Review) van Vlaanderen en België.

Minder afval gestort en verbrand

In 2020 werd er 237 000 ton minder afval gestort en verbrand dan in 2019, een daling van ongeveer 4 %. Die daling was echter bijna volledig toe te schrijven aan de afname van zogenaamde ‘projectgebonden afvalstoffen’ voor het storten en verbranden van afval. Denk bijvoorbeeld aan bagger- en ruimingsspecie of afval van bodemsaneringsprojecten. Maken we abstractie van deze afvalstoffen dan komt de impact van de COVID-crisis aan de oppervlakte. De hoeveelheid huishoudelijk afval voor verbranding nam toe met 5 % in 2020. De hoeveelheid bedrijfsrestafval daalde heel sterk in het tweede kwartaal van 2020 (-8 % t.o.v. het eerste kwartaal), maar die daling werd gecompenseerd door een toename in het derde en vierde kwartaal van 2020 waardoor de totale hoeveelheid min of meer stabiel bleef.

De impact van de COVID-crisis op recyclage en hergebruik en de totale productie van afvalstoffen in Vlaanderen, zullen we pas later in 2021 in beeld hebben.