Evaluatie van ingediende bodemonderzoeken voor PFAS-verdachte gronden

  • 12 augustus 2021

In eerste instantie verwijzen we nogmaals naar de informatie van 5 juli 2021, over de aanpak van bodemonderzoeken i.k.v. PFAS-onderzoek.

In de ‘Richtlijn PFAS-onderzoek’ wordt een overzicht gegeven van risico-activiteiten waarbij het vrijkomen van PFAS in het milieu niet kan worden uitgesloten.

We stellen vast dat een behoorlijk aantal bodemonderzoeken op gronden die mogelijk als PFAS-verdacht te beschouwen zijn, geen of slechts beperkte informatie bevatten met betrekking tot PFAS. Dit leidt tot een verhoogd aantal rapporten waarvoor bijkomende duiding wordt gevraagd of aanvullende onderzoeksverrichtingen worden opgelegd. Met mogelijke gevolgen voor de bodemsaneringsdeskundigen en de opdrachtgever.

Als de bodemsaneringsdeskundige van oordeel is dat een grond waar dergelijke activiteiten plaatsvinden of plaatsvonden niet als PFAS-verdacht te beschouwen is, moet dit in het verslag grondig onderbouwd en gemotiveerd worden. Om dit duidelijk zichtbaar te maken raden wij aan om dit eveneens op te nemen in een apart document (PDF – belangrijke informatie).