Gebruik van bodemmaterialen - Veel gestelde vragen en antwoorden

Algemeen

Wat zijn bodemmaterialen?

Waarom zijn er zoveel regels rond bodemmaterialen?

Waarom valt de regeling rond bodemmaterialen onder het VLAREBO?

Welke zaken regelt het grondverzet?

De regels rond bodemmaterialen zijn gewijzigd.  Wat is er nieuw?

Blijven bestaande grondstofverklaringen geldig?

Wanneer moet ik een technisch verslag laten opmaken?

Hoe weet ik of mijn uitgraving meer of minder dan 250 m3 zal bedragen?

Hoe bepaal ik het volume van sediment dat geruimd moet worden?

Wat is een verdachte grond? Hoe weet ik of mijn grond verdacht is?

Wat is een kadastrale werkzone?

Wie moet opdracht geven om een technisch verslag op te maken?

Wie mag het technisch verslag opmaken?

Wat moet ik met een technisch verslag doen?

Geldt een oriënterend of beschrijvend bodemonderzoek als een technisch verslag?

Geldt een bodemsaneringsproject als een technisch verslag?

Na een beschrijvend bodemonderzoek moet ik "rekening houden met de regelgeving van het grondverzet". Wat betekent dat?

Moet ik een technisch verslag laten opmaken voordat de grondwerken starten en de bodem uitgegraven wordt (bijvoorbeeld bij sloop huis)? Hoe zit het dan met de offerte van de aannemer die de bodem zal afvoeren?

Wat is een bodembeheerrapport?

Wie mag een bodembeheerrapport opmaken?

Kan ik een bodemattest als bodembeheerrapport gebruiken?

Kan ik een grondstofverklaring als bodembeheerrapport gebruiken?

Om mijn huis te kunnen bouwen moet ik een goede kelibodem uitgraven. Een baksteenfabriek wil de klei aanvaarden. Moet ik voor de uitgraving een technisch verslag en een bodembeheerrapport laten opmaken?

Ik wil vrijgekomen bodemmaterialen op een akker gebruiken. Heb ik daarvoor een bodembeheerrapport nodig?

Ik ga een beek (laten) tuimen en wil de ruimingsspecie op de oever deponeren. Heb ik daarvoor een bodembeheerrapport nodig?

Hoofdstuk 13 van het VLAREBO verwijst men naar de 'codes van goede praktijk'. Wat zijn die codes en waar kan ik ze vinden?
 

Normen en gebruiksmogelijkheden

Op welke manier kan ik bodemmaterialen hergebruiken?

Wat betekent "bouwkundig bodemgebruik"?

Wat betekent "gebruik in een vormvast product"?

Wat betekent "vrij gebruik van bodemmaterialen als bodem"?

Kan ik bodemmaterialen nog gebruiken als ze meer verontreinigende stoffen bevatten dan toegelaten is volgens de waarde voor vrij gebruik?

Kan ik bodemmaterialen gebruiken als funderingszand?

Kan ik bodemmaterialen gebruiken om er bakstenen of betonblokken van te maken?

Moet ik de bodemmaterialen laten reinigen vooraleer ik ze kan gebruiken?

Kan ik als particulier een kleine hoeveelheid verontreinigde bodem naar een containerpark brengen?

Wanneer moeten bodemmaterialen naar de stortplaats?

Mag ik bodemmaterialen gebruiken om een put of groeve op te vullen?

Wat moet ik doen als bodemmaterialen meer dan 5 procent stenen bevatten, of stenen die groter zijn adan 5 cm?

Wat moet ik doen als bodemmaterialen meer dan 1 procent bodemvreemde materialen bevatten?

Wat moet ik doen als de uitloogbaarheid van de bodem niet aan bijlage VII van het VLAREBO voldoet?
 

Grondverzet op de plaats van een uitgraving

Ik heb geen technisch verslag nodig. Hoe ga ik verder praktisch te werk?

Ik heb een technisch verslag en een bodembeheerrapport nodig.  Hoe ga ik praktisch te werk?

Voor de bouw van mijn huis moet ik minder dan 250 m³ bodem uitgraven op een niet-verdachte grond. Een deel van de uitgegraven bodem zal ik opnieuw op mijn terrein gebruiken. De rest wil ik afvoeren. Wat moet ik allemaal doen?

Voor de bouw van mijn huis moet ik meer dan 250 m³ uitgegraven bodem afvoeren. Wat moet ik allemaal doen?

Voor de bouw van een loods moet ik minder dan 250 m³ bodem uitgraven op een verdachte grond. Ik gebruik alle uitgegraven bodem opnieuw op mijn eigen terrein. Wat moet ik allemaal doen?

Voor de bouw van mijn huis moet ik meer dan 250m³ uitgraven. De bodem die ik uitgraaf zal ik deels op mijn eigen terrein gebruiken en deels laten afvoeren. Heb ik een technisch verslag nodig?

Ik mijn vijver uitdiepen. Wat moet ik doen? 

Als ik minder dan 250 m³ niet-verdachte bodem uitgraaf, kan ik die dan sowieso overal gebruiken?

Een erkende bodemsaneringsdeskundige stelde vast dat mijn grond verschillende bodemkwaliteiten bevat. Moet ik die apart laten afvoeren?

Wat betekent "gebruik ter plaatse"?

Hoe baken ik een zone voor gebruik ter plaatse af?

Ik voer grondwerken uit en ik hergebruik alle uitgegraven bodem binnen mijn kadastraal perceel. Valt dit onder het gebruik ter plaatse?
 

Grondverzet op de plaats van gebruik

Ik wil een put graven en teglijk mijn terrein ophogen. Wat moet ik doen in het kader van het grondverzet?

Waar moet ik op letten als ik bodem laat aanvoeren?

Wanneer moet ik een studie van de ontvangende grond laten uitvoeren?

Wie zijn de 'gebruikers' van bodemmaterialen?

 

Algemeen

Wat zijn bodemmaterialen?

Bodemmaterialen zijn alle materialen die afkomstig zijn uit de bodem.  ZE worden ingedeeld in uitgegraven bodem, baggerspecie, ruimingsspecie, grondbrij en bentonietslib.

  • Uitgegraven bodem is bodemmateriaal dat afkomstig is van een uitgraving.

  • Baggerspecie komt vrij tijdens het verdiepen, verbreden of onderhouden van bevaarbare waterlopen (openbaar hydrografisch net) of bij de aanleg van nieuwe waterinfrastructuur, met inbegrip van kanalen, havens en dokken.

  • Ruimingsspecie komt vrij tijdens het verdiepen, verbreden of onderhouden van oppervlaktewateren zoals vermeld in het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid.

  • Grondbrij is afkomstig van het triëren en wassen van gewassen uit volle grond.

  • Bentonietslib is een mengsel van uitgegraven bodem en bentoniet dat gecreëerd kan worden bij grond- en putboringen en grondwerken.

Waarom zijn er zoveel regels rond bodemmaterialen?

De regels rond bodemmaterialen zijn bedoeld om duidelijkheid en rechtszekerheid te creëren. Ze zorgen ervoor dat u bij de uitvoering van grondwerken geen overtredingen begaat tegen andere wetten, zoals het Bodemdecreet of het Afvalstoffendecreet. Bijvoorbeeld: verontreinigde bodem mag niet zomaar overal hergebruikt worden, anders kan een nieuwe bodemverontreiniging ontstaan.

De grondverzetsregeling zorgt ervoor dat alle vrijkomende bodemmaterialen opgevolgd worden tot op de plaats van gebruik. De traceerbaarheidsprocedure maakt het mogelijk om de essentiële stappen in het grondverzet te controleren: de kwaliteitsbepaling, de uitgraving of ruiming en de levering van de uitgegraven, gebaggerde of geruimde bodem. De verschillende actoren in het grondverzet worden zo goed mogelijk begeleid. Zo krijgt de ontvanger of eindgebruiker van de bodemmaterialen de garantie dat de materialen van de gewenste kwaliteit zijn en in een correcte toepassing terechtkomen: als bodem, voor bouwkundig bodemgebruik of in een vormvast product. Dat zorgt opnieuw voor meer rechtszekerheid.

Het gebruik van bodemmaterialen is volledig afgestemd op een goed bodembeheer. De bescherming van de menselijke gezondheid en het behoud van functionele eigenschappen voor mens, plant en dier staat steeds centraal. Het gehanteerde normenkader is in overeenstemming met het kader voor bodemsanering.

Waarom valt de regeling rond bodemmaterialen onde het VLAREBO?

De regels rond bodemmaterialen zijn in de eerste plaats bedoeld om verspreiding van bodemverontreiniging tegen te gaan. Je vindt ze in hoofdstuk 13 van het VLAREBO, het Vlaams Reglement betreffende de Bodemsanering en Bodembescherming.

Dat de regeling rond bodemmaterialen onder het Bodemdecreet en het VLAREBO valt, heeft te maken met de wijziging van de grondverzetsregeling. Die zorgt ervoor dat alle vrijkomende bodemmaterialen opgevolgd worden tot op de plaats van (her)gebruik. De traceerbaarheidsprocedure maakt het mogelijk om alle stappen in het grondverzet te controleren: de kwaliteitsbepaling, de uitgraving of ruiming en de levering van de uitgegraven, gebaggerde of geruimde bodem. De VLAREBO-regels zorgen ervoor dat bodemmaterialen volgens een betrouwbaar kwaliteitsborgingssysteem worden opgevolgd en op een correcte manier worden hergebruikt.

Het gebruik van bodemmaterialen wordt niet langer gekoppeld aan de regeling voor de toepassing van afvalstoffen als secundaire grondstoffen. Door de betreffende materialen als bodemmaterialen te beschouwen, en niet als ‘afval’, verdwijnt ook de negatieve connotatie van die term.

Welke zaken regelt het grondverzet?

De grondverzetsregeling legt vast hoe u met bodemmaterialen moet omgaan:

  • Hoe komen bodemmaterialen vrij? Door uitgraving, ruiming?
  • Hoe kunnen bodemmaterialen getransporteerd worden?
  • Welke eindbestemming krijgen de materialen?

Bij alle stappen van het grondverzet moet aan bepaalde voorwaarden voldaan worden. Die opvolging noemen we het ‘traceerbaarheidssysteem’. Een goede opvolging zorgt ervoor dat we altijd kunnen achterhalen waar bodemmaterialen vandaag komen en of ze verontreinigd zijn. De regelgeving moet propere terreinen maximaal beschermen tegen de aanvoer van verontreinigde bodem (en dus tegen een nieuwe verontreiniging).

De regels rond bodemmaterialen zijn gewijzigd. Wat is er nieuw?

De belangrijkste verandering is dat alle bodemmaterialen nu gelijk behandeld worden. Bagger- en ruimingsspecie, grondbrij en bentonietslib moeten voortaan aan dezelfde voorwaarden voldoen als uitgegraven bodem. Voor het gebruik van uitgegraven bodem verandert er weinig.

De bestaande bepalingen voor bagger- en ruimingsspecie zijn mee opgenomen in de vernieuwde grondverzetsregeling. Het gaat onder meer over normen voor pesticiden, regels voor ontwatering en een procedure voor tijdelijke oeverdeponie van bagger- en ruimingsspecie in het kader van ontwatering of noodruiming.

Daarnaast is de traceerbaarheidsprocedure voor de opvolging van bodemmaterialen aangescherpt door het invoeren van:

  • een meldingsplicht voor het transport van kleine volumes bodemmaterialen;
  • de registratieplicht voor bedrijven die betrokken zijn bij grondverzet.

Blijven bestaande grondstofverklaringen geldig?

Door de wijziging van de grondverzetsregeling wordt het gebruik van bagger- en ruimingsspecie, grondbrij en bentonietslib niet langer geregeld volgens het VLAREMA. Dat betekent dat de grondstofverklaringen die in het kader van VLAREMA werden afgeleverd, niet langer gebruikt kunnen worden. Er is wel een overgangsperiode voorzien. Hoewel de nieuwe regeling sinds 1 april 2019 van kracht is, blijven de afgeleverde grondstofverklaringen geldig tot en met 31 maart 2020. Tot die datum kunt u bagger- en ruimingsspecie, grondbrij en bentonietslib nog gebruiken volgens de bepalingen van de afgeleverde grondstofverklaring.

Wanneer moet ik een technisch verslag laten opmaken?

Algemeen geldt dat een technisch verslag nodig is voor alle verdachte gronden en voor alle uitgravingen groter dan 250 kubieke meter. Het tweede criterium geldt specifiek voor:

  • iedere partij bodem die groter is dan 250 kubieke meter en waarvan de grond niet op hetzelfde perceel hergebruikt wordt;
  • iedere partij bodem die groter is dan 250 kubieke meter en die van verschillende plaatsen afkomstig is;
  • iedere partij bodem die groter is dan 250 kubieke meter en die in verschillende kleine partijen wordt afgevoerd en (her)gebruikt.

De nieuwe grondverzetsregeling voorziet vier uitzonderingen op de algemene regel. Een technisch verslag is niet nodig:

  • voor kleine hoeveelheden bodemmaterialen die gebruikt worden binnen een kadastrale werkzone en volgens een code van goede praktijk;
  • als het gebruik van de bodemmaterialen verband houdt met een conform verklaard (beperkt) bodemsaneringsproject dat door de OVAM wordt opgevolgd;
  • voor de aan- en afvoer van grondbrij;
  • als de uitgegraven bodemmaterialen opnieuw gebruikt worden binnen een ‘zone voor gebruik ter plaatse’. Onder ‘gebruik ter plaatse’ verstaan we onder meer tijdelijke uitgravingen voor leidingwerken en het herstel van oevers of dijkprofielen.

Voor het gebruik van kleine volumes bodem (minder dan 250 kubieke meter) moet u slechts heel uitzonderlijk een onderzoek laten uitvoeren.

Hoe weet ik of mijn uitgraving meer of minder dan 250 m³ zal bedragen?

Om te weten hoeveel bodem u gaat uitgraven, vermenigvuldigt u de lengte met de breedte en de diepte van de geplande bouwput. Voor een put van 8 meter lang, 6 meter breed en 2 meter diep is dat: 8 x 6 x 2 = 96 kubieke meter.

De afmetingen van de ontgravingsput bepalen de hoeveelheid bodemmateriaal. Bij het uitgraven zal de bodem immers altijd uitzetten. Het volume van de uitgegraven bodem kan daardoor tot 25 procent stijgen. Bij het hergebruik van de uitgegraven bodem op de plaats van bestemming zal het volume opnieuw dalen door aanstampen en door het eigen gewicht van de bodem.

Enkele voorbeeldcijfers:

  • regenwaterput: gemiddeld 5 à 10 m³
  • zwembad in een tuin: gemiddeld 150 m³
  • grote kelder: gemiddeld 200 m³
  • kelder onder volledig huis: gemiddeld 250 m3

Hoe bepaal ik het volume van sediment dat geruimd moet worden?

Om te weten hoeveel sediment u moet (laten) ruimen, vermenigvuldigt u de dikte van de sedimentlaag met de oppervlakte die geruimd of gebaggerd moet worden

De dikte van de sedimentlaag op een waterbodem kan bepaald worden met een slibbaak. Een slibbaak is een peilstok met aan de onderzijde een slibschijf van 15 x 15 centimeter. Die slibschijf komt tijdens peilingen op het slib te liggen, waar de overgang van water naar slib goed kan worden ingeschat.

Wat is een verdachte grond? Hoe weet ik of mijn grond verdacht is?

De kans op bodemverontreiniging is niet overal even groot. Op zogenaamde ‘verdachte gronden’ is een kwaliteitsbepaling van de vrijgekomen bodem altijd noodzakelijk.

Onder verdachte gronden verstaan we:

  • alle onderzoeksplichtige risicogronden of zogenaamde VLAREBO-gronden. Dit zijn meestal (voormalige) bedrijventerreinen. Of een grond onderzoeksplichtig is, kunt u navragen bij de gemeente.
  • gronden die opgenomen zijn in het Grondeninformatieregister van de OVAM en waarin concentraties van stoffen zijn aangetroffen die hoger liggen dan de richtwaarden voor de bodemkwaliteit. Die concentraties worden gemeten tijdens een bodemonderzoek. Het Grondeninformatieregister lijst de verontreinigde gronden op waarvoor onderzoeksgegevens beschikbaar zijn. Op het bodemattest staat vermeld of de richtwaarden voor de bodem overschreden zijn.
  • openbare wegen, oude wegbeddingen en wegbermen.
  • gronden waarvan aanwijzingen bestaan dat ze concentraties van stoffen bevatten die hoger liggen dan de richtwaarden voor de bodemkwaliteit. Zulke gronden kunnen enkel aangeduid worden door de Vlaamse minister van Leefmilieu.
  • waterbodems van oppervlaktewateren waarin huishoudelijk afvalwater of bedrijfsafvalwater wordt geloosd, of die hemelwater ontvangen dat afkomstig is van een gewestweg, een provinciale weg of een autosnelweg.

Wat is een kadastrale werkzone?

Een kadastrale werkzone bakent de ruimtelijke zone af waarbinnen een beperkte hoeveelheid licht verontreinigde grond (minder dan 250 m3) hergebruikt kan worden. Concreet gaat het om hergebruik binnen een werf. Het hergebruik blijft binnen het kader van één project en mag geen significante invloed hebben op de milieukwaliteit van de ontvangende zone. Onder een project verstaan we:

*   alle werken die uitgevoerd worden in het kader van één technisch verslag, ook als die aanleiding geven tot verschillende bouwkundige ontwerpen en realisaties;

*  alle werken die uitgevoerd worden in het kader van één bouwkundig ontwerp, maar waarvan verschillende technische verslagen worden opgesteld.

De uitdrukking ‘kadastrale werkzone’ combineert het fiscaal-juridische begrip ‘kadastraal perceel’ met het bouwbegrip ‘werkzone’. Binnen een kadastrale werkzone zijn de gebruiksmogelijkheden van uitgegraven bodemmaterialen uitgebreider. U moet dus beslissen of u bodemmaterialen binnen of buiten de kadastrale werkzone wilt gebruiken. Enkele vuistregels daarvoor:

  • Bodemmaterialen die aan de vrije gebruikswaarde van het VLAREBO (bijlage V) voldoen, kunnen zowel binnen als buiten de kadastrale werkzone gebruikt worden.
  • Verlaat het bodemmateriaal definitief de werkzone en wordt het niet binnen hetzelfde project hergebruikt, dan komt dit neer op het gebruik van bodemmaterialen buiten de kadastrale werkzone.
  • Bij bagger- en ruimingswerken omvat de kadastrale werkzone minstens het geheel van de waterloop en de aangrenzende oeverzone. Binnen die oeverzone is oeverdeponie van bagger- en ruimingsspecie toegelaten.
  • Een projectzone met een homogene bodemverontreiniging kan opgedeeld worden in één of meerdere kadastrale werkzones. Daarvoor wordt rekening gehouden met historische gegevens, zintuiglijk waarneembare gegevens, de bestemming van het terrein, gelijkaardige risico’s …

Voor projecten waarbij meer dan 250 m³ bodemmateriaal vrijkomt, moet u contact opnemen met een erkende bodemsaneringsdeskundige om een kadastrale werkzone af te bakenen. De deskundige komt op het terrein, heeft ervaring met verontreinigde bodem en kan een complexe bodemsituatie goed inschatten.

Wie moet opdracht geven om een technisch verslag te laten opmaken?

De wet stelt dat de initiatiefnemer van werken de opdracht moet geven om een technisch verslag op te maken. In de meeste gevallen is het dus de bouwheer die een erkende bodemsaneringsdeskundige contacteert. De bouwheer voegt het verslag toe aan het bestek.

Het technisch verslag wordt meestal opgemaakt voordat bodemmaterialen worden uitgegraven of geruimd. Kan het verslag pas achteraf worden opgesteld, dan wordt best contractueel vastgelegd wie de opdracht zal geven. Dat kan bijvoorbeeld de aannemer zijn.

Ook de uitbater van een vergunde opslagplaats kan de opdracht geven om een technisch verslag op te maken (uiteraard alleen voor de bodemmaterialen die op zijn opslagplaats verhandeld worden). Zo weet hij wat de kwaliteit van de materialen is, zodat hij ze nadien op een verantwoorde wijze kan gebruiken.

In sommige gevallen worden de uitgegraven bodemmaterialen gebruikt als grondstoffen voor bouwmaterialen of keramische producten. Worden de bodemmaterialen rechtstreeks naar het ontvangende bedrijf gebracht, dan kan dat bedrijf het technisch verslag zelf (laten) opstellen.

Wie mag het technisch verslag opmaken?

Alleen een erkende bodemsaneringsdeskundige is bevoegd om een technisch verslag op te maken. Om bodemstalen te nemen mag de erkende bodemsaneringsdeskundige beroep doen op een gespecialiseerde firma. De deskundige moet erop toezien dat dit op een correcte manier gebeurt en blijft zelf verantwoordelijk voor de staalname.

Wat moet ik met een technisch verslag doen?

Algemeen geldt dat een technisch verslag nodig is voor alle verdachte gronden en voor alle uitgravingen groter dan 250 kubieke meter.

Laat u bodemmaterialen uitgraven en worden die rechtstreeks naar een andere werf gebracht? Dan mag u het technisch verslag doorsturen naar een erkende bodembeheerorganisatie. De organisatie registreert het verslag en gaat na of het aan de wettelijke bepalingen voldoet. Ze bekijkt ook of de kwaliteit van de bodem, zoals beschreven in het technisch verslag, overeenstemt met de gebruiksmogelijkheden op de plaats van bestemming. Is alles in orde, dan levert de erkende bodembeheerorganisatie een bodembeheerrapport af, zodat u de werken kunt opstarten.

Worden de uitgegraven bodemmaterialen eerst naar een tussentijdse opslagplaats of een grondreinigingscentrum afgevoerd, dan neemt de uitbater van de opslagplaats de bodemopvolging en het technisch verslag voor zijn rekening. Hebt u zelf al een technisch verslag laten opmaken, dan kunt u dat uiteraard samen met de bodem aan de tussentijdse opslagplaats bezorgen. Let op: neem vooraf contact op met de tussentijdse opslagplaats of het grondreinigingscentrum. Iedere organisatie heeft immers een specifieke werkwijze en kan met andere (vervoer)documenten werken.

Geldt een oriënterend of beschrijvend bodemonderzoek als een technisch verslag?

Een oriënterend of beschrijvend bodemonderzoek geldt niet als een technisch verslag. Relevante onderzoeksgegevens uit een bodemonderzoek worden wel maximaal overgenomen in het technisch verslag (en vice versa).

Wat is het verschil?

  • Een technisch verslag is een bodemonderzoek dat wordt opgesteld door een erkende bodemsaneringsdeskundige. Het bepaalt de milieuhygiënische kwaliteiten en hergebruiksmogelijkheden van bodemmaterialen die nog uitgegraven of geruimd moeten worden.
  • Een oriënterend bodemonderzoek moet uitmaken of er ernstige aanwijzingen zijn voor een bodemverontreiniging. Enkel gronden waarop een risicoactiviteit plaatsvindt, zijn onderzoeksplichtig. Een oriënterend bodemonderzoek vindt meestal plaats bij overdracht of stopzetting van de activiteiten. Voor de meest risicovolle activiteiten is een oriënterend bodemonderzoek in elk geval verplicht vóór een bepaalde datum.
  • Een beschrijvend bodemonderzoek brengt probleemlocaties rond grondverontreiniging in kaart en bepaalt of verdere stappen noodzakelijk zijn. Of een grond een probleemlocatie is, wordt vastgesteld aan de hand van een oriënterend bodemonderzoek of door andere waarnemingen, bijvoorbeeld bij een schadegeval.

Geldt een bodemsaneringsproject als een technisch verslag?

Een bodemsaneringsproject geldt wel als een technisch verslag.

Binnen een bodemsaneringsproject hebt u geen extra technisch verslag nodig om verontreinigde grond uit te graven en naar een vergund grondreinigingscentrum te brengen. U hoeft het bodemsaneringsproject ook niet door te sturen naar een bodembeheerorganisatie. Wel moet u rekening houden met de bepalingen van het Afvalstoffendecreet. Dat betekent concreet dat u het ‘Identificatieformulier afvalstoffen’ of een gelijkwaardig formulier moet gebruiken. Na reiniging van de verontreinigde bodem zal het grondreinigingscentrum zelf een technisch verslag laten opmaken door een erkende bodemsaneringsdeskundige.

Ook als u binnen het bodemsaneringsproject (verontreinigde) bodemmaterialen opnieuw gebruikt, hoeft u geen technisch verslag te laten opstellen. Het project wordt begeleid door een erkende bodemsaneringsdeskundige en bevat alle gegevens die nodig zijn om op een correcte manier met de uitgegraven of gebaggerde bodem om te gaan. Dat betekent dat u moet werken volgens de conformverklaring van het bodemsaneringsproject en volgens de codes van goede praktijk voor het uitvoeren van bodemsaneringswerken. Brengt u grond naar een locatie die geen deel uitmaakt van het bodemsaneringsproject, dan hebt u wel een technisch verslag nodig.

Na een beschrijvend bodemonderzoek moet ik "rekening houden met de regelgeving van het grondverzet". Wat betekent dat?

Als een deskundige heeft vastgesteld dat de bodem verontreinigd is, maar dat de verontreiniging geen risico’s inhoudt, is een sanering niet verplicht. U mag de verontreinigde bodem echter niet zomaar uitgraven en opnieuw gebruiken. Als de bodem verplaatst wordt, kunnen er immers nieuwe risico’s opduiken. Daarom bent u verplicht om de regelgeving van het grondverzet toe te passen. In veel gevallen betekent dat dat u een technisch verslag en een bodembeheerrapport moet laten opmaken (zie vraag ‘Wanneer moet ik een technisch verslag laten opmaken?’).

Laat u de verontreinigde bodem toch afvoeren en wordt de bodemsaneringsnorm overschreden, dan moet u de bodem laten reinigen (tenzij een deskundige bepaalt dat de bodem niet reinigbaar is). Grondwerken uitvoeren in een verontreinigde zone kan daardoor aanleiding geven tot bijkomende kosten.

 

Moet ik een technisch verslag laten opmaken voordat de grondwerken starten en de bodem uitgegraven wordt (bijvoorbeeld bij de sloop van een huis)? Hoe zit het dan met de offerte van de aannemer die de bodem zal afvoeren?

 

Volgens de wetgeving is een technisch verslag alleen nodig voordat iemand de uitgegraven bodem opnieuw gebruikt.

U kunt dus een technisch verslag na de uitgraving en afvoer laten opmaken, bijvoorbeeld op een tussentijdse opslagplaats. In dit geval is de kwaliteit van de bodem die uitgegraven werd nog niet gekend.  Omdat de aannemer die de werken uitvoert nog niet weet hoe hij de uitgegraven bodem zal mogen hergebruiken, zal hij dat verrekenen in zijn offerte en zal hij een hogere prijs vragen voor de afvoer van die bodem. Hij moet immer het risico verrekenen voor het geval dat de bodem verontreinigd is.

Wat is een bodembeheerrapport

Een bodembeheerrapport attesteert het correcte gebruik van bodemmaterialen. Het bevestigt dat een partij uitgegraven bodem op de afgesproken locatie is geleverd en dat daarbij voldaan werd aan alle voorwaarden uit het technisch verslag en de grondverzettoelating. Een bodembeheerrapport wordt opgemaakt op basis van het technisch verslag en de gegevens van de plaats van gebruik.

Wie mag een bodembeheerrapport opmaken?

Een bodembeheerrapport mag alleen worden afgeleverd door:

  • een erkende bodembeheerorganisatie;
  • een erkende tussentijdse opslagplaats voor uitgegraven bodem (enkel voor de bodem die daar verhandeld wordt);
  • een erkend grondreinigingscentrum (enkel voor de bodem die daar gereinigd en verhandeld wordt);
  • een erkende inrichting voor de opslag en ontwatering van bagger- en ruimingsspecie (enkel voor de specie die daar ontwaterd en verhandeld wordt).

Een lijst van alle erkende centra en organisaties vindt u hier.         

https://www.ovam.be/ovamLijstBoBWeb

https://www.ovam.be/ovamLijstTopWeb

https://www.ovam.be/ovamLijstGrcWeb

Het bodembeheerrapport wordt afgeleverd aan de aannemer die de grondverzettoelating heeft aangevraagd. De aannemer moet een kopie van het bodembeheerrapport overmaken aan de initiatiefnemer van de uitgraving en aan de nieuwe gebruiker van de bodemmaterialen.

 

Kan ik een bodemattest als bodembeheerrapport gebruiken?

Een bodemattest geldt niet als bodembeheerrapport.

Een bodemattest is gelinkt aan een kadastraal perceel en wordt afgeleverd door de OVAM. Het verwijst naar onderzoeksgegevens uit oriënterende en beschrijvende bodemonderzoeken. Als de OVAM voor een bepaald kadastraal perceel geen onderzoeksgegevens heeft, wordt een ‘blanco bodemattest’ afgeleverd. Dat betekent niet dat het kadastraal perceel niet verontreinigd is, maar alleen dat er geen onderzoeksgegevens beschikbaar zijn.

Een bodembeheerrapport is gelinkt aan een partij bodemmaterialen en wordt afgeleverd door een bodembeheerorganisatie. Het bodembeheerrapport attesteert enkel het correcte gebruik van de bodemmaterialen. Het geeft geen informatie over de aanwezigheid van onderzoeksgegevens bij de OVAM.

Kan ik een grondstofverklaring als bodembeheerrapport gebruiken?

Een grondstofverklaring geldt niet als bodembeheerrapport. Bodemmaterialen worden immers niet als afval beschouwd.

Een grondstofverklaring is nodig om bepaalde afvalstoffen als grondstof te kunnen gebruiken. De procedure hiervoor staat beschreven in hoofdstuk 4 van het VLAREMA.

Een bodembeheerrapport attesteert het correcte gebruik van bodemmaterialen. Die vallen onder het bodemsaneringsdecreet. Het gebruik ervan is geregeld in hoofdstuk 13 van het VLAREBO.

Om mijn huis te kunnen bouwen moet ik een goede kleibodem uitgraven. Een baksteenfabriek wil de klei aanvaarden. Moet ik voor de uitgraving een technisch verslag en een bodembeheerrapport laten opmaken?

Of u een technisch verslag en een bodembeheerrapport moet laten opmaken, hangt af van:

  • de status van de grond (verdacht of niet)
  • de hoeveelheid bodemmateriaal die wordt uitgegraven of geruimd

Als u meer dan 250 m³ bodem laat uitgraven, moet u een technisch verslag laten opmaken. Na gebruik van het bodemmateriaal zal dan een bodembeheerrapport worden afgeleverd.

Ik wil vrijgekomen bodemmaterialen op een akker gebruiken. Heb ik daarvoor een bodembeheerrapport nodig?

Of u een technisch verslag en een bodembeheerrapport moet laten opmaken, hangt af van:

  • de status van de grond die u laat uitgraven (verdacht of niet)
  • de hoeveelheid bodemmateriaal die wordt uitgegraven of geruimd

Als u meer dan 250 m³ bodem laat uitgraven, moet u een technisch verslag laten opmaken. Na gebruik van het bodemmateriaal zal dan een bodembeheerrapport worden afgeleverd.

De bodemsaneringsnormen in landbouwgebied zijn relatief laag en worden dus snel overschreden. Ook als een technisch verslag en een bodembeheerrapport niet verplicht zijn, raadt de OVAM u daarom aan om minstens één analyse op de bodemmaterialen te laten uitvoeren. Zo krijgt u een idee van de kwaliteit van de materialen en kunt u een nieuwe bodemverontreiniging vermijden.

Ik ga een beek (laten) ruimen en wil de ruimingsspecie op de oever deponeren.  Heb ik een bodembeheerrapport nodig

Of u een technisch verslag en een bodembeheerrapport moet laten opmaken, hangt af van:

  • de status van de grond die u laat ruimen (verdacht of niet)
  • de hoeveelheid bodemmateriaal die wordt geruimd

Als u meer dan 250 m³ bodem laat ruimen, moet u een technisch verslag laten opmaken. Na gebruik van het bodemmateriaal zal dan een bodembeheerrapport worden afgeleverd.

Voor het uitspreiden van bagger- en ruimingsspecie op de oevers, zodat de specie kan drogen, bestaat een speciale procedure. Voor die procedure verwijzen we naar de ‘Code van goede praktijk voor de tijdelijke oeverdeponie van bagger- of ruimingsspecie’.

Hoofdstuk 13 van het VLAREBO verwijst naar de 'codes van goede praktijk'. Wat zijn die codes en waar kan ik ze vinden?

In de grondverzetsregeling is sprake van ‘standaardprocedures’ en van ‘codes van goede praktijk’. Het werken volgens een standaardprocedure of een code van goede praktijk garandeert dat iedereen volgens dezelfde regels werkt.

  • In de standaardprocedures zijn de basisregels voor de opmaak van (bodem)onderzoeken vastgelegd.
  • De codes van goede praktijk zijn regels die de OVAM heeft geschreven en die gevolgd moeten worden om werken op een verantwoorde manier uit te voeren. De regels hebben betrekking op het uitvoeren van onderzoeken, het nemen en analyseren van monsters en het uitvoeren van grondwerken, met inbegrip van de algemeen aanvaarde regels van goed vakmanschap.


Normen en gebruiksmogelijkheden

Op welke manier kan ik bodemmaterialen hergebruiken?

Bodemmaterialen kunnen niet alleen hergebruikt worden als bodem, maar ook als grondstof voor bouwwerken of producten. In dat laatste geval spreken we over het gebruik van bodem voor bouwkundig bodemgebruik of in een vormvast product.

Wat betekent "bouwkundig bodemgebruik"?

Bodemmaterialen kunnen gebruikt worden als grondstoffen voor bouwwerken. Voorbeelden zijn:

  • het gebruik van zand als funderingszand
  • het gebruik van zand bij de aanmaak van beton

Artikel 171 van de grondverzetsregeling lijst alle toegelaten toepassingen op.

De concentraties aan verontreinigende stoffen in de gebruikte bodemmaterialen moeten lager liggen dan de waarden in bijlage VI en VII van het VLAREBO. De uitloogbaarheid van de bodemmaterialen wordt gemeten met een eenstapsschudtest.

Wat betekent "gebruik in een vormvast product"?

Bodemmaterialen kunnen gebruikt worden als grondstoffen voor bouwproducten. Voorbeelden zijn het gebruik van klei of leem voor de aanmaak van keramische producten of bakstenen. Artikel 171 van de grondverzetsregeling lijst alle toegelaten toepassingen op.

De concentraties aan verontreinigende stoffen in de gebruikte bodemmaterialen moeten lager liggen dan de waarden in bijlage VI en VII van het VLAREBO. De uitloogbaarheid van de bodemmaterialen wordt gemeten met een eenstapsschudtest.

Wat betekent "vrij gebruik van bodemmaterialen als bodem"?

Bodemmaterialen die voldoen aan de waarde voor vrij gebruik (bijlage V van het VLAREBO) mag u overal vrij gebruiken, zowel binnen als buiten de kadastrale werkzone of in bouwkundige en vormvaste toepassingen.

Voldoen bodemmaterialen slechts aan 80 procent van de bodemsaneringsnorm van het bestemmingstype, dan mag u ze alleen vrij gebruiken binnen de kadastrale werkzone. Concreet betekent dat dat de bodem alleen op percelen van hetzelfde project hergebruikt mag worden.

Kan ik bodemmaterialen nog gebruiken als ze meer verontreinigende stoffen bevatten dan toegelaten is volgens de waarde voor vrij gebruik?

Bodemmaterialen die niet voldoen aan de waarde voor vrij gebruik mag u in principe alleen hergebruiken binnen de kadastrale werkzone[KP1] . Welk soort gebruik toegelaten is, hangt af van hoeveel verontreiniging de bodem bevat.

  • Zijn de concentraties van alle parameters in het bodemmateriaal lager dan 80 procent van de bodemsaneringsnorm die geldt voor de kadastrale werkzone, dan mag u het bodemmateriaal binnen die zone vrij hergebruiken.
  • Zijn de concentraties van de parameters in het bodemmateriaal hoger dan 80 procent van de bodemsaneringsnorm die geldt voor de kadastrale werkzone, dan mag u het bodemmateriaal alleen gebruiken volgens de code van goede praktijk. Dat betekent dat het gebruik geen bijkomend risico mag meebrengen binnen de kadastrale werkzone.
  • Bodemmaterialen die niet voldoen aan de waarde voor vrij gebruik (bijlage V van het VLAREBO), maar wel aan de waarden van bijlage VI en VII, komen in aanmerking voor bouwkundig bodemgebruik [KP2] of gebruik in een vormvast product[KP3] .

 

Hergebruik buiten de kadastrale werkzone is alleen toegelaten als:

  • de concentraties van alle parameters in de ontvangende grond hoger zijn dan de concentraties van alle parameters in het bodemmateriaal;
  • de concentraties van alle parameters in het bodemmateriaal lager zijn dan 80 procent van de bodemsaneringsnorm van de ontvangende grond;
  • de concentraties van alle parameters in het bodemmateriaal lager zijn dan de bodemsaneringsnorm voor een bestemmingstype III;
  • het gebruik van het bodemmateriaal geen aanleiding kan geven tot bijkomende grondwaterverontreiniging.

Om aan te tonen dat deze voorwaarden vervuld zijn, is een studie van de ontvangende grond noodzakelijk.

 

Kan ik bodemmaterialen gebruiken als funderingszand?

Het gebruik van bodemmaterialen als funderingszand is toegelaten als de materialen bouwtechnisch geschikt zijn en als ze voldoen aan de voorwaarden voor bouwkundig bodemgebruik:

  • De concentraties van alle parameters in de bodemmaterialen moeten lager zijn dan de waarden vermeld in bijlage VI van het VLAREBO.
  • De uitloog van metalen bepaald met de eenstapschudtest moet lager zijn dan de waarden van bijlage VII van het VLAREBO.

Kan ik bodemmaterialen gebruiken om bakstenen of betonblokken van te maken?

Het gebruik van bodemmaterialen in bakstenen of betonblokken is toegelaten als de materialen bouwtechnisch geschikt zijn en als ze voldoen aan de voorwaarden voor bouwkundig bodemgebruik of gebruik in een vormvast product.

  • De concentraties van alle parameters in de bodemmaterialen moeten lager zijn dan de waarden vermeld in bijlage VI van het VLAREBO.
  • De uitloog van metalen bepaald met de eenstapschudtest moet lager zijn dan de waarden van bijlage VII van het VLAREBO.

Moet ik de bodemmaterialen laten reinigen voor ik ze kan gebruiken?

Bodemmaterialen moeten alleen gereinigd worden als ze bepaalde verontreinigingsnormen overschrijden.

  • Voor hergebruik als bodem: bodemmaterialen die de bodemsaneringsnormen van bijlage IV voor bestemmingstype III (woongebied) overschrijden, moeten eerst gereinigd worden. De reiniging gebeurt volgens de beste beschikbare technieken.
  • Voor bouwkundig bodemgebruik of gebruik in een vormvast product: bodemmaterialen die de waarden van bijlage VI overschrijden, moeten eerst gereinigd worden. De reiniging gebeurt volgens de beste beschikbare technieken.

Ook als hergebruik niet mogelijk is, is reiniging verplicht voor bodemmaterialen die de waarden van bijlage VI van het VLAREBO overschrijden. Alleen als de uitgegraven bodem niet reinigbaar is, kunnen de materialen naar een stortplaats afgevoerd worden. Bagger- en ruimingsspecie die om bouwtechnische redenen niet bruikbaar is, mag altijd gestort worden.

Bevatten de bodemmaterialen te veel stenen en steenachtigen (meer dan 5 procent op gewichtsbasis) of ander afval (meer dan 1,0 procent andere bodemvreemde materialen), dan moet u de stenen en het afval van de bodem (laten) scheiden.

Kan ik als particulier een kleine hoeveelheid verontreinigde bodemmaterialen naar het containerpark brengen?

Verontreinigde bodemmaterialen mogen niet naar het containerpark. Een containerpark mag enkel welbepaalde huishoudelijke afvalstoffen inzamelen (zie artikel 5.2.2.1 van het VLAREMA). Verontreinigde bodem staat niet op de lijst.

Voor het verwijderen van verontreinigde bodemmaterialen kunt u een beroep doen op een erkende ophaler. Op de OVAM-website vindt u lijsten met ophalers van gevaarlijk afval [KP1] en lijsten met vergunde inrichtingen voor grondreiniging[KP2] .

Sommige containerparken aanvaarden beperkte hoeveelheden niet-verontreinigde aarde of teelaarde. Die mag dan bij het bouw- en sloopafval of bij het groenafval. Andere containerparken aanvaarden helemaal geen aarde of teelaarde. U zult zelf bij de gemeente of het containerpark moeten nagaan welke regels in uw buurt gelden.

 

Wanneer moeten bodemmaterialen naar de stortplaats?

Uitgegraven bodemmaterialen die verontreinigd zijn, moeten naar een stortplaats:

  • als de bodemmaterialen niet reinigbaar zijn;
  • en als er geen nuttige bestemming voor de materialen wordt gevonden.  

Voor het storten van verontreinigde bodem moet u stortkosten betalen. Daar komt soms ook een milieuheffing bij, tenzij u kunt aantonen dat de uitgegraven bodem niet reinigbaar is (volgens de procedure ‘Niet-reinigbaarheid’).

Bagger- en ruimingsspecie die niet op een duurzame manier hergebruikt kan worden, mag altijd naar een stortplaats worden afgevoerd.

Mag ik bodemmaterialen gebruiken om een put of groeve op te vullen?

Ja, bodemmaterialen mogen gebruikt worden voor de opvulling van een vergunde groeve of graverij. Ze moeten wel aan de voorwaarden voldoen die zijn opgenomen in de milieuvergunning.

Vóór de bodemmaterialen gebruikt mogen worden, moet een studie aantonen dat:

  • het gebruik van de materialen geen verontreiniging van het grondwater kan veroorzaken;
  • mogelijke blootstelling aan de verontreinigde stoffen geen extra risico oplevert.

Zo’n studie wordt uitgevoerd door een bodemsaneringsdeskundige. Het bodembeheerrapport moet erover waken dat de aangevoerde bodemmaterialen voldoen aan de opgelegde voorwaarden uit de studie.

Wat moet ik doen als bodemmaterialen meer dan 5 procent stenen bevatten, of stenen die groter zijn dan 5 centimeter?

Minder dan 25 procent stenen

* Voor stenen die van natuurlijke oorsprong zijn, legt de regelgeving geen beperkingen op.

* Voor stenen die niet van nature in de bodem aanwezig zijn, zoals gebroken bakstenen, moet u nagaan waar u de bodemmaterialen wilt gebruiken.

  • Worden de materialen gebruikt als bodem op een ander terrein, dan mag er niet meer dan 5 procent steen in zitten. Is dat wel het geval, dan moet u de stenen uitzeven. De stenen mogen ook niet groter zijn dan 5 centimeter.
  • Worden de materialen gebruikt binnen een kadastrale werkzone of voor bouwkundig bodemgebruik, dan mag tot 25 procent van de bodem uit stenen bestaan.

Meer dan 25 procent stenen

Als de bodem meer dan 25 procent stenen bevat, beschouwt de OVAM de materialen niet meer als bodem maar als afvalstoffen. Bodemmaterialen met meer dan 25 procent stenen moeten eerst gezeefd worden voor hergebruik mogelijk is.

Wat moet ik doen als bodemmaterialen meer dan 1 procent bodemvreemde materialen bevatten?

Onder ‘bodemvreemde materialen’ verstaan we onder meer glas, plastic, metaal, papier, houten planken ... Stenen horen er niet bij. Bodemmaterialen die meer dan 1 procent bodemvreemde materialen bevatten, moeten worden uitgezeefd tot ze minder dan 1 procent bodemvreemde materialen bevatten (zowel in gewicht als in volume).

 

Wat moet ik doen als de uitloogbaarheid van de bodem niet aan bijlage VII van het VLAREBO voldoet?

De uitloogbaarheid van de bodem wordt in eerste instantie bepaald met de eenstapsschudtest. Voldoet een bodemstaal niet, dan kan de uitloogbaarheid opnieuw bepaald worden met een kolomproef. Voldoet de bodem wel aan de voorwaarden van de kolomproef, dan kunnen de bodemmaterialen alsnog in aanmerking komen voor bouwkundig bodemgebruik. 

De bepaling van de uitloogbaarheid van zware metalen en metalloïden voor gebruik van afvalstoffen als bouwstof gebeurt conform VLAREMA met de kolomproef. De uitloogbaarheid moet voldoen aan de voorwaarden van de VLAREMA.

 

Grondverzet op de plaats van een uitgraving

Ik heb geen technisch verslag nodig.  Hoe ga ik verder praktisch te werk?

Als u geen technisch verslag nodig hebt, kunt u de volgende stappen zetten:

  • Neem contact op met een grondwerker, een aannemer of een architect.
  • Bespreek de specifieke situatie en vraag één of meerdere offertes voor de ontgraving. Als de bodemkwaliteit onzeker is, kan dat invloed hebben op de prijs. Voor bodemmaterialen met een goede kwaliteit hoort de prijs lager te zijn, voor bodem met een slechte kwaliteit kan de prijs oplopen. Vergelijk de prijzen per ton of per kubieke meter. Eén kubieke meter komt ongeveer overeen met anderhalve ton.
  • Ga na of de grond verdacht is. De aannemer/vervoerder kan u vragen om te verklaren dat het een niet-verdachte grond betreft.
  • Laat de werken uitvoeren.
  • Hou alle gegevens bij: het volume van de afgraving, het tijdstip van de afgraving, het aantal afgevoerde vrachtwagens ... Dit kan eventuele discussies of misverstanden in een latere fase vermijden.

Ik heb een technisch verslag en een bodembeheerrapport nodig. Hoe ga ik praktisch te werk?

Als u een technisch verslag en een bodembeheerrapport nodig hebt, kunt u de volgende stappen zetten:

  • Neem contact op met een erkende bodemsaneringsdeskundige. De expert kan een technisch verslag opstellen van de bodem die u wilt (laten) uitgraven.
  • Stuur uw bouwplannen bij in functie van de gerapporteerde bodemkwaliteit. Het kan voordeliger zijn om licht verontreinigde bodem ter plaatse te gebruiken als bodem of in een bouwkundige toepassing.
  • Stuur het technisch verslag op naar een erkende bodembeheerorganisatie. Deze instantie spreekt zich uit over de volledigheid van het verslag.
  • Vraag één of meerdere offertes op voor de ontgraving. De informatie uit het technisch verslag laat de aannemer of grondwerker toe om de prijs exacter te bepalen.
  • Zoek een nieuwe bestemming voor de uitgegraven grondmaterialen. Dit doet u best in samenspraak met de betrokken architect of aannemer. U kunt ook contractueel laten vastleggen dat de aannemer een nieuwe bestemming zoekt.
  • Wijs de opdracht toe.
  • Bezorg de nodige administratieve en andere gegevens aan een erkende bodembeheerorganisatie (een erkende tussentijdse opslagplaats of een erkend grondreinigingscentrum). De gegevens omvatten onder meer de naam en het adres van de aannemer en de vervoerder, het definitieve afgravingsplan, de nieuwe bestemming van de bodemmaterialen ... U kunt ook contractueel laten vastleggen dat de aannemer dit voor zijn rekening neemt.
  • Laat de werken uitvoeren.
  • Laat de uitgegraven bodem of andere bodemmaterialen afvoeren aan de hand van vrachtbrieven. Het is de verantwoordelijkheid van de aannemer om de bodemmaterialen op de correcte plaats te gebruiken. Als de aannemer de bodem op een nieuwe locatie gebruikt heeft, moet hij een bodembeheerrapport aanvragen bij een erkende bodembeheerorganisatie.
  • Vraag een kopie van het bodembeheerrapport aan de aannemer.
  • Is een bepaalde stap niet duidelijk, zoek dan meer informatie op de OVAM-website of neem contact op met een architect, een aannemer, een erkende bodemsaneringsdeskundige of een erkende bodembeheerorganisatie.

Voor de bouw van mijn huis moet ik minder dan 250 m³ bodem uitgraven op een niet-verdachte grond. Een deel van de uitgegraven bodem zal ik opnieuw op mijn terrein gebruiken, de rest wil ik afvoeren. Wat moet ik allemaal doen?

Graaft u minder dan 250 kubieke meter bodemmaterialen uit op een niet-verdachte grond, dan legt de grondverzetsregeling geen onderzoeken op. U mag de uitgegraven bodem opnieuw gebruiken op uw eigen terrein of u kunt de bodemmaterialen laten afvoeren door een aannemer. Als u de bodem buiten uw terrein laat afvoeren, moet u iemand zoeken die de bodem wil gebruiken. U kunt ook in de offertevraag bepalen dat de aannemer eigenaar wordt van de uitgegraven bodem.

Als bouwheer bent u wel verantwoordelijk voor enkele administratieve en andere voorwaarden.

  • Zoek uit of het effectief om een niet-verdachte grond  gaat.
  • Bereken de hoeveelheid  uit te graven bodem. Die moet beperkt blijven tot minder dan 250 kubieke meter.
  • Wilt u de uitgegraven bodemmaterialen op uw eigen terrein hergebruiken, zorg er dan voor dat de bodem minder dan 1 procent bodemvreemde materialen  bevat. Onder ‘bodemvreemde materialen’ verstaan we onder meer glas, plastic, metaal, papier ... Stenen horen er niet bij. Bodemmaterialen die meer dan 1 procent bodemvreemde materialen bevatten, moeten worden uitgezeefd.

Voert u de uitgegraven bodem af buiten de kadastrale werkzone, dan mogen de bodemmaterialen maximaal 5 procent stenen bevatten en maximaal 1 procent bodemvreemde materialen (op volumebasis). Overschrijdt u de normen, dan moet u de bodemmaterialen laten uitzeven.

 

Voor de bouw van mijn huis moet ik meer dan 250 m³ uitgegraven bodem afvoeren. Wat moet ik allemaal doen?

  • Vóór de werken starten, laat u best de kwaliteit van de uit te graven bodem bepalen door een erkende bodemsaneringsdeskundige. De expert neemt bodemstalen, laat ze analyseren op de meest voorkomende verontreinigende stoffen en rapporteert de gegevens in een technisch verslag.
  • De bodemsaneringsdeskundige bezorgt het technisch verslag aan een erkende bodembeheerorganisatie. Die controleert de inhoud en levert een conformverklaring af.
  • De conformverklaring stipuleert aan welke voorwaarden u moet voldoen om een bodem ergens anders te gebruiken. Zo kunt u een bestemming voor de bodemmaterialen zoeken. Het is toegelaten om de bodem tijdelijk op een tussentijdse opslagplaats te stockeren. Een verontreinigde bodem moet u vóór gebruik laten reinigen in een grondreinigingscentrum.
  • Is de kwaliteit van de uitgegraven bodem in overeenstemming met de kwaliteit van de grond op de bestemming, dan kan de uitgegraven bodem naar de bestemming gebracht worden. De erkende bodembeheerorganisatie zal hiervoor een grondverzettoelating aan de aannemer bezorgen.
  • Bij levering op de plaats van bestemming moet de aannemer een ontvangstverklaring aan de bodembeheerorganisatie overmaken. De ontvangstverklaring is de bevestiging dat de uitgegraven bodem op de plaats van bestemming is geleverd.
  • Vervolgens levert de bodembeheerorganisatie een bodembeheerrapport af aan de aannemer. De aannemer zal op zijn beurt een kopie van het bodembeheerrapport aan de bouwheer overmaken.

Het bodembeheerrapport attesteert het correcte gebruik van de uitgegraven bodem. Bovendien garandeert het rapport dat het transport van de uitgegraven bodem correct is verlopen.

Voor de bouw van een loods moet ik minder dan 250 m³ bodem uitgraven op een verdachte grond. Ik gebruik alle uitgegraven bodem opnieuw op mijn eigen terrein. Wat moet ik allemaal te doen?

Aangezien het volume uitgegraven bodem minder dan 250 m³ bedraagt en omdat  u alle uitgegraven bodem binnen dezelfde kadastrale werkzone gebruikt, bent u niet verplicht om een technisch verslag te laten maken. Wel moet u de uitgegraven bodem gebruiken volgens een code van goede praktijk voor het werken met uitgegraven bodem binnen de kadastrale werkzone. Die code moet ervoor zorgen dat het grondverzet de bestaande bodemtoestand niet nadelig beïnvloedt.

 

Voor de bouw van mijn huis moet ik meer dan 250m³ uitgraven. De bodem die ik uitgraaf zal ik deels op mijn eigen terrein gebruiken en deels laten afvoeren. Heb ik een technisch verslag nodig?

Graaft u meer dan 250 m³ bodem uit, dan moet u volgens de bepalingen van de nieuwe regelgeving de uit te graven of uitgegraven bodem laten onderzoeken. U moet dus een technisch verslag laten opmaken. Of u de bodem al dan niet op uw eigen terrein hergebruikt, speelt daarbij geen rol.

 

Ik wil mijn vijver uitdiepen. Wat moet ik doen? 

Door het uitdiepen van een vijver zal u ruimingsspecie naar boven halen. Daarvoor moet u de grondverzetsregeling volgen. Als er meer dan 250 m³ specie vrijkomt, moet u een technisch verslag laten opmaken. Na hergebruik van het bodemmateriaal zal dan een bodembeheerrapport worden afgeleverd. Voor het uitspreiden van bagger- en ruimingsspecie op de oever, zodat de specie kan drogen, bestaat een speciale procedure. Voor die procedure verwijzen we naar de ‘Code van goede praktijk voor de tijdelijke oeverdeponie van bagger- of ruimingsspecie’.

Als ik minder dan 250 m³ niet-verdachte bodem uitgraaf, mag ik die dan sowieso overal gebruiken?

Als u minder dan 250 m³ bodem laat uitgraven op een niet-verdachte grond, dan zijn een technisch verslag en een bodembeheerrapport niet verplicht. In principe mag u de bodemmaterialen dus overal hergebruiken, zowel op uw eigen terrein als elders. Om de veiligheid te garanderen moet u bij het werken met uitgegraven bodem wel altijd rekening houden met volgende wettelijke bepalingen:

  • De Algemene zorgvuldigheidsplicht uit het Burgerlijk Wetboek (artikel 1382-1383 B.W.). De zorgvuldigheidsplicht is de algemene verplichting om geen schade te berokkenen aan derden door handelingen die niet stroken met een normaal, zorgvuldig gedrag.
  • De bepalingen van het Bodemsaneringsdecreet. Een onoordeelkundig en niet-reglementair gebruik van uitgegraven bodem kan aanleiding geven tot een nieuwe bodemverontreiniging.  Het Bodemsaneringsdecreet bepaalt dat zo’n nieuwe verontreiniging verplicht gesaneerd moet worden. Degene die de nieuwe bodemverontreiniging heeft veroorzaakt, is aansprakelijk voor de kosten van de bodemsanering.

Ook al zijn een technisch verslag en bodembeheerrapport niet altijd verplicht, toch raadt de OVAM aan om minstens één analyse op het bodemmateriaal te laten uitvoeren. Zo wordt de bodemkwaliteit duidelijker en kunt u een nieuwe bodemverontreiniging voorkomen.

Een erkende bodemsaneringsdeskundige stelde vast dat mijn grond verschillende bodemkwaliteiten bevat. Moet ik die apart laten afvoeren?

Graaft u meer dan 250 m³ bodem uit, dan moet u een technisch verslag laten opstellen. In dat technisch verslag kan de erkende bodemsaneringsdeskundige bijvoorbeeld vaststellen dat de oppervlaktelaag een andere kwaliteit heeft dan de onderliggende lagen, of dat de ene zijde van de uitgraving een andere kwaliteit heeft dan de andere zijde.

Op basis van de analyseresultaten stelt de bodemsaneringsdeskundige een zoneringsplan op. Dat zoneringsplan geeft de verschillende zones weer met hun respectievelijke bodemkwaliteiten. Het maakt deel uit van het technisch verslag. Op basis van het technisch verslag en het zoneringsplan  kan de aannemer de verschillende bodemkwaliteiten apart uitgegraven.

 

Wat betekent "gebruik ter plaatse"?

Bij hergebruik van de bodem ter plaatse wordt de uitgegraven bodem min of meer op dezelfde plaats teruggelegd. Enkele voorbeelden:

  • Bij leidingwerken (bijvoorbeeld de aanleg of het herstel van nutsleidingen, pijpleidingen of rioleringen) wordt veel uitgegraven bodem ter plaatse opnieuw gebruikt om de sleuf weer aan te vullen. Hetzelfde geldt voor het herstel van dijkprofielen. De afvoer van uitgegraven bodem naar een andere locatie blijft meestal beperkt.
  • Ook als zand van het strand en de duinen na stormweer teruggelegd wordt, spreken we over gebruik ter plaatse. Het heeft geen zin om het weggewaaide zand telkens weer te laten onderzoeken om het vervolgens op dezelfde plaats terug te leggen.
  • Het terugplaatsen van de teelaarde na een vergunde ontginning en het terugleggen van de bodem na het graven van proefsleuven bij archeologisch onderzoek vallen eveneens onder gebruik ter plaatse.

Aangezien er geen technisch verslag moet worden opgesteld, is de speciale regeling voor gebruik ter plaatse alleen van toepassing op specifieke grondwerken waarbij de uitgegraven bodem bij benadering op dezelfde plaats en voor dezelfde toepassing wordt hergebruikt.

 

Hoe baken ik een zone voor gebruik ter plaatse af?

Enkele vuistregels:

Ik voer grondwerken uit en ik hergebruik alle uitgegraven bodem binnen mijn kadastraal perceel. Valt dit altijd onder het gebruik ter plaatse?

Niet altijd. Het hergebruik van uitgegraven bodemmaterialen als bodem binnen een zone voor het gebruik ter plaatse is enkel van toepassing bij:

  • leidingwerken (bijvoorbeeld de aanleg of het herstel van nutsleidingen, pijpleidingen en rioleringen);
  • het herstel van dijkprofielen;
  • het terugplaatsen van teelaarde na een vergunde ontginning;
  • de herinrichting van kust en duinen na stormweer;
  • het graven van proefsleuven bij archeologisch onderzoek.

 

Grondverzet op de plaats van gebruik

Ik wil een put graven en tegelijk een terrein ophogen. Wat moet ik doen in het kader van het grondverzet?

Controleer of u een technisch verslag moet laten opmaken (om de bodemkwaliteit te controleren). Algemeen geldt dat een technisch verslag nodig is voor alle verdachte gronden en voor alle uitgravingen groter dan 250 kubieke meter. Een technisch verslag is niet nodig:

  • voor kleine hoeveelheden bodemmaterialen die gebruikt worden binnen een kadastrale werkzone en volgens een code van goede praktijk;
  • als het gebruik van de bodemmaterialen verband houdt met een conform verklaard (beperkt) bodemsaneringsproject dat door de OVAM wordt opgevolgd;
  • voor de aan- en afvoer van grondbrij;
  • als de uitgegraven bodemmaterialen opnieuw gebruikt worden binnen een ‘zone voor gebruik ter plaatse’. Hieronder verstaan we onder meer tijdelijke uitgravingen voor leidingwerken en het herstel van oevers of dijkprofielen.

Ook als een technisch verslag niet verplicht is, raadt de OVAM aan om minstens één analyse op de bodemmaterialen uit te voeren. Zo krijgt u een idee van de bodemkwaliteit.

Afhankelijk van de hoeveelheid grond en de plaats waar de uitgraving plaatsvindt, hebt u voor de aanvoer van de uitgegraven bodem documenten nodig van een erkende bodembeheerorganisatie, een erkende tussentijdse opslagplaats of een erkend grondreinigingscentrum. Het transport gebeurt altijd met een grondverzettoelating en transportdocumenten. De aannemer moet die documenten dus kunnen voorleggen.

Als de bodem op een nieuwe plaats is gebruikt, zal een erkende bodembeheerorganisatie een bodembeheerrapport afleveren aan de uitvoerder van de werken. Dat rapport bevestigt dat de bodemmaterialen op een correcte manier gebruikt zijn. De uitvoerder van de werken bezorgt een kopie van het bodembeheerrapport aan de bouwheer.

Waar moet ik op letten als ik bodem laat aanvoeren?

Is de bodem afkomstig van een ontgraving groter dan 250 m³ of van een verdachte grond?

  • Het transport moet steeds vergezeld zijn van documenten van een erkende organisatie. Het gaat onder meer om een grondverzettoelating en transportdocumenten.
  • Eens de bodem ter plaatse is, zal de erkende bodembeheerorganisatie een bodembeheerrapport afleveren. Dat garandeert dat het transport van de bodemmaterialen correct is verlopen en dat de aangevoerde bodem op de juiste bestemming is terechtgekomen. Als u een contract afsluit met een aannemer om bodemmaterialen te laten aanvoeren, kunt u best laten opnemen dat de aannemer in orde moet zijn met de wettelijke bepalingen.

Is de bodem afkomstig van een uitgraving kleiner dan 250 m³ op een niet-verdachte grond?

  • Een technisch verslag en bodembeheerrapport niet verplicht. Daardoor is de kwaliteit van de bodemmaterialen niet gekend. De OVAM raadt aan om bij de opmaak van het bestek of de offerte de gewenste bodemkwaliteit vast te leggen of minstens te stellen dat de aangevoerde bodem geen bodemverontreiniging mag veroorzaken.

Wanneer moet ik een studie van de ontvangende grond laten uitvoeren?

Aangevoerde grond moet altijd van een even goede of betere kwaliteit zijn dan de ontvangende grond. Bovendien mag het aanvaarden van de grond niet leiden tot bijkomende risico’s voor mens en milieu. Om dit te garanderen wordt in sommige gevallen niet alleen de kwaliteit van de aangevoerde grond gecontroleerd, maar ook die van de ontvangende grond. Zo’n studie gebeurt door een erkende bodemsaneringsdeskundige.

Een studie van de ontvangende grond is alleen nodig:

  • als de aangevoerde bodemmaterialen met één of meerdere stoffen verrijkt zijn
  • en als de bodemmaterialen een toepassing krijgen als bodem (dus niet als bouwstof).

Een studie is bovendien alleen zinvol als u vermoedt dat de ontvangende bodem van een minder goede kwaliteit is én als de kosten van de studie opwegen tegen de baten van de - goedkopere - bodemmaterialen van mindere kwaliteit. In de praktijk is dit enkel het geval bij grotere projecten.

Wat houdt zo’n studie in?

Een studie van de ontvangende grond toont aan dat bodemmaterialen duurzaam gebruikt worden. Daarbij wordt rekening gehouden met:

  • het effect van het hergebruik op de menselijke gezondheid en de veiligheid;
  • het effect van het hergebruik op de onderliggende bodem;
  • de mate waarin het hergebruik rekening houdt met sociale en economische aandachtspunten en andere factoren;
  • de milieubaten;
  • de mate waarin het gebruik de doelstelling van de bodemsanering realiseert;
  • de kosten van het voorgestelde gebruik.

Het spreekt voor zich dat de eigenaar van de ontvangende grond steeds moet kunnen weigeren om verrijkte bodemmaterialen te gebruiken. Dit laat u best contractueel vastleggen.

Wie zijn de 'gebruikers' van bodemmaterialen?

De grondverzetsregeling beschermt de 'ontvangers' en de ‘eindgebruikers’ van bodemmaterialen. De ontvangers zijn de aannemers die de werken voor de eindgebruikers uitvoeren. De gebruikers van bodemmaterialen zijn:

  • een particulier die een oprit aanlegt of zijn tuin ophoogt;
  • een waterlopenbeheerder die grote dijkwerken laat uitvoeren of oevers aanlegt;
  • een natuurbeheerder die heuvels herstelt of bermen aanlegt;
  • een landbouwer die zijn akkers ophoogt of grachten aanlegt;
  • een bedrijf dat een fabrieksterrein nivelleert of ophoogt;
  • een uitbater van een vergunde groeve of graverij.

 

 

 

 

Contact

OVAM - Team klantenbeheer
015 284 458

grondverzet@ovam.be