Methodologie duidelijke aanwijzing voor een ernstige bodemverontreiniging in het oriënterend bodemonderzoek met PFAS-verontreiniging

  • 13 december 2021

Indien u met een PFAS verontreiniging te maken krijgt in een oriënterend bodemonderzoek dan moet u de methodologie DAEB uitvoeren conform de methodologie opgenomen in het Onderzoeksprotocol verkennende bodemonderzoek voor PFAS-verontreiniging. In de toekomst zal deze methodologie DAEB geïntegreerd worden in de Code van goede praktijk methodologie “DAEB”, risico-evaluatie en risicogebaseerde terugsaneerwaarde.

In volgende gevallen moet u voor een PFAS-verontreiniging de DAEB-methodologie gebruiken: 

- Vaste deel van de aarde: 

  • van zodra 80% van de toetsingswaarde bodemsaneringsnorm voor PFOS of PFOA overschreden wordt OF 
  • van zodra de som van de kwantitatieve PFAS-parameters de richtwaarde van 8 µg/kg ds overschrijdt.

- Grondwater: 

  • van zodra 80% van de toetsingswaarde bodemsaneringsnorm voor PFOS of PFOA overschreden wordt OF 
  • van zodra de detectielimiet van een individuele PFAS-component, andere dan PFOS of PFOA, overschreden wordt 

Van zodra er een P-zin wordt toegekend moet u ook de aard onderbouwen in het rapport en toekennen in Mistral.

In de volgende gevallen moet u minstens een P-zin toekennen:

- Vaste deel van de aarde: 

  • van zodra de som van de kwantitatieve PFAS-parameters de richtwaarde van 8 µg/kg ds overschrijdt OF
  • van zodra de richtwaarde van 3 µg/kg ds overschreden is voor PFOS of PFOA 

- Grondwater: 

  • Er is op heden geen enkele richtwaarde voorhanden, dus er is beleidsmatig besloten: van zodra de detectielimiet van een individuele PFAS-component overschreden wordt.

Indien een PFAS-verontreiniging wordt vastgesteld vragen we om voor de evaluatie van de noodzaak tot voorzorgs- of veiligheidsmaatregelen eveneens de werkwijze uit het onderzoeksprotocol toe te passen.

Voor een eenduidige en coherente aanpak heeft de OVAM met het Agentschap Zorg en Gezondheid afgesproken dat zij aangaande de ‘no regret maatregelen’ in het kader van oriënterende bodemonderzoeken met een PFAS-verontreiniging een vergelijkbare systematiek zullen toepassen.

Voor de ‘standaard no regret’ maatregelen die het Agentschap Zorg en Gezondheid kan adviseren verwijzen we naar de website: www.vlaanderen.be/pfas-vervuiling/no-regret-maatregelen-brandweeroefenterreinen-en-sites-van-een-zware-industriele-brand.

Voorzorgsmaatregelen of veiligheidsmaatregelen moet u enkel voorstellen als u van oordeel bent dat deze ‘standaard no regret’ maatregelen niet afdoende zullen zijn. In vele gevallen zullen deze ‘standaard no regret’ maatregelen immers al een belangrijk deel van de mogelijke blootstelling aan PFAS wegnemen. Hierbij is het dus zaak om ‘dubbele’ maatregelen zeker te vermijden.

Bij vaststelling van een PFAS-verontreiniging vragen we om in het besluit van het oriënterend bodemonderzoek een aparte uitspraak te doen aangaande de eventuele noodzaak voor voorzorgs- en/of veiligheidsmaatregelen voor deze PFAS-verontreiniging. Dit overeenkomstig het volgende sjabloon:

  • Geen voorzorgs- en/of veiligheidsmaatregelen noodzakelijk:
    “Voor de bodemverontreiniging met PFAS zijn geen voorzorgsmaatregelen of veiligheidsmaatregelen noodzakelijk.

Om de blootstelling aan de bodemverontreiniging met PFAS te beperken zijn er na advies van het Agentschap Zorg en Gezondheid mogelijk ‘no regret’ maatregelen van toepassing, die terug te vinden zijn op: www.vlaanderen.be/pfas-vervuiling.

  • Wel voorzorgs- en/of veiligheidsmaatregelen nodig:
    “In afwachting van het beschrijvend bodemonderzoek en/of bodemsanering zijn voor de bodemverontreiniging met PFAS de volgende voorzorgsmaatregelen en/of veiligheidsmaatregelen noodzakelijk: (duidelijk specifiëren)

Om de blootstelling aan de bodemverontreiniging met PFAS te beperken zijn er na advies van het Agentschap Zorg en Gezondheid mogelijk ‘no regret’ maatregelen van toepassing, die terug te vinden zijn op: www.vlaanderen.be/pfas-vervuiling.”


Het is echter niet de bedoeling dat u in een oriënterend bodemonderzoek de onderzoeksmethodiek (veldwerkvoorschriften) uit het onderzoeksprotocol gaat overnemen. Hier blijven de strategieën uit de standaardprocedure oriënterend bodemonderzoek van kracht.

Voor PFAS verontreinigingen is de OVAM tevens bezig met de uitwerking van een aantal richtlijnen/handvatten voor het uitvoeren van de risico-evaluatie in het kader van een beschrijvend bodemonderzoek.

Contactpersonen: