VLAREMA - wijziging 6

Het Besluit van de Vlaamse Regering van 17 februari 2012 tot vaststelling van het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (VLAREMA) is voor de 6de keer veranderd. Deze veranderingen werden definitief goedgekeurd op 22 december 2017 en gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 23 februari 2018. De veranderingen zijn sinds 5 maart 2018 van kracht, tenzij dit anders vermeld wordt in het wijzigingsbesluit.

Hieronder vindt u een kort overzicht van de belangrijkste wijzigingen.

OVAM investeert verder in digitalisering

De OVAM investeert reeds enkele jaren in het digitaliseren van de werkingsprocessen en dossierstromen. In het veranderde Vlarema wordt hierop verder ingezet met de digitalisering van het proces grondstofverklaringen. Ook in de regelgeving voor andere processen (bv. de erkenning van centra voor depollutie, de ontmanteling en vernietiging van afgedankte voertuigen, de registratie als vervoerders, de registratie als inzamelaars, afvalstoffenhandelaars of -makelaars) wordt de digitalisering verder verankerd.

Zie: webloket

Regelgeving grondstoffen verandert

Er werd heel wat gesleuteld aan de regelgeving rond grondstoffen.

Het aanvragen en verlenen van grondstofverklaringen werd volledig gedigitaliseerd. De jaarlijks analyse op de geproduceerde grondstoffen blijft en wordt uitgebreid met de plicht om de analyseresultaten jaarlijks via het webloket aan de OVAM te bezorgen. Grondstoffenproducenten die gebruik maken van het ministerieel besluit metallurgie laten zich registreren voor deze grondstoffen en sturen eveneens de analyseresultaten jaarlijks door.

Het bestaande kwaliteitsborgingssysteem grondstof krijgt een nieuwe invulling en er wordt een traceringssysteem grondstof ingevoerd. Deze veranderingen zullen pas op een latere datum van kracht gaan, bij de vastlegging in het ministerieel besluit. Voor bestaande grondstofverklaringen is een overgangstermijn voorzien.

Voor het gebruik van grondstoffen als meststof of bodemverbeterende middelen, worden de criteria aangepast. Hierdoor zullen een aantal bestaande grondstofverklaringen mogelijk aangepast worden (overgangsbepaling). Daarnaast gelden ook een paar bijkomende verplichtingen bij het gebruik van boerderijcompost als meststof of bodemverbeterend middel.

De sloopopvolging

De breker mag enkel puin van een sorteerinrichting aanvaarden als de sorteerinrichting beschikt over een kwaliteitsborgingsysteem zoals bepaald in bijlage 3 van het eenheidsreglement.

De sloopopvolging wordt aangepast. Voor bepaalde vergunningsplichtige sloop- renovatie- of ontmantelingswerken heeft u vanaf nu een sloopopvolgingsplan nodig (in plaats van een sloopinventaris). Dit geldt voor gebouwen met een niet-residentiële functie vanaf 1000m³, voor gebouwen met hoofdzakelijk een residentiële functie (uitgezonderd eensgezinswoningen) vanaf 5000m³ en voor infrastructuurwerken vanaf 250 m³. Ook voor vergunningsplichtige onderhoudswerken aan infrastructuur geldt deze verplichting vanaf 250m³. Bovendien moet elke afvoer van afvalstoffen gedocumenteerd worden met een identificatieformulier of een afgiftebewijs. De uitvoerder van de bouw-, infrastructuur-, sloop- en ontmantelingswerken bezorgt deze stukken aan de houder van de omgevingsvergunning, die ze op zijn beurt gedurende 5 jaar bijhoudt. Deze nieuwe bepalingen zijn van toepassing op de vergunningsaanvragen ingediend vanaf 5 juni 2018.

Batterijen

De uitvoering van de aanvaardingsplicht geldt nu ook voor grote industriële batterijen (bv. in hybride en elektrische voertuigen). Ze vallen niet alleen onder de toepassing van de aanvaardingsplicht, maar het hergebruik van deze batterijen in een tweede leven, wordt gestimuleerd via te behalen doelstellingen. Er zijn nieuwe bepalingen toegevoegd over de gratis aanvaarding van afgedankte batterijen (onder bepaalde voorwaarden).

Matrassen

De invoering van deze aanvaardingsplicht en de bijhorende verplichte inzameling van afgedankte matrassen bij huishoudens en bedrijven wordt uitgesteld tot 1 januari 2021.

Elektro apparaten (AEEA)

De vernieuwde AEEA-richtlijn werd eerder al geïntegreerd in Vlarema. De wijze van keuring en de criteria worden nu ook verankerd in een ministerieel besluit. Daarnaast blijft het mogelijk om dit in te vullen via een Weeelabex of EN50625 certificatie.

Zwerfvuil

De verplichting voor een collectief plan zwerfvuil is uitgebreid naar alle verbruiksgoederen (ook de niet-verpakte).

Gesmolten dierlijke vetten

Het verstoken en verbranden van gesmolten dierlijke vetten (afgeleid van cateogrie 3-materiaal) is voortaan verboden. U kunt individuele afwijkingen hierop aanvragen.

Decantatieverbod

De decantatie van een olie/watermengsel aan boord van binnenschepen is verboden. Dergelijke handelingen (uitgezonderd natuurlijke decantatie) zijn vergunningsplichtig en worden enkel toegelaten in inrichtingen met de juiste omgevingsvergunning.

Selectieve inzameling kunststoffen

De selectieve inzameling van kunststoffen wordt verder uitgebreid met recycleerbare harde kunststoffen, piepschuim en folies. Voor de bedrijven geldt deze verplichting vanaf 1 juni 2018.

Recycleerbare harde kunststoffen zijn toegevoegd aan de lijst verplicht selectief in te zamelen huishoudelijke afvalstoffen. Daarnaast zijn nu ook de gebruikte frituurvetten en -oliën apart opgenomen in deze lijst (en niet langer als kga vermeld).

Klein gevaarlijk afval

De lijst met klein gevaarlijk afval is volledig vernieuwd en geactualiseerd. Zo beschouwen we een aantal afvalstoffen zoals cosmetica, plantaardige en dierlijke vetten en oliën, zepen, waspoeders, vaatwasproductet en niet-gevaarlijk foto- en filmafval niet langer als kga.

Textiel

De inzamelaar, afvalstoffenhandelaar of -makelaar van textielafval moet het gemeentelijk politiereglement en de bepalingen die hierin zijn opgenomen voor textielafval naleven.
Binnen haar decretale opdracht voor het ambtshalve opruimen en het ambtshalve saneren zal de OVAM soms ook optreden als makelaar. Om dit mogelijk te maken, worden hiervoor enkele aanpassingen toegevoegd.

Rapportering gegevens aan OVAM

Steden en gemeenten rapporteren voortaan ook over het restafval dat door private inzamelaars bij de huishoudens op hun grondgebied worden ingezameld.